Kurt Overbergh - In mijn hoofd is BRDCST het festival van de toekomst

Volgende week is het terug BRDCST, het paradepaardje van de Ancienne Belgique en van artistiek directeur Kurt Overberg in het bijzonder. Hij noemt het na drie jaar nog steeds zijn boreling. Wij noemen het een ferm uit de kluiten gewassen kleuter die moeiteloos het alfabet van de muziekscene herschikt. “Het schoonste wat er is als programmator? Voelen dat het publiek mee is!”

We spreken Kurt Overbergh in het AB-Salon, tevens één van de plaatsen waar het allemaal gebeurt tijdens BRDCST, het ambitieuze indoorfestival waarbij de AB inzet op muzikale grenze(n)loosheid. De man spreekt als een trein, vol vuur en passie en we hoeven het gesprek enkel richting te geven met enkele kernwoorden. Zijn enthousiasme werkt aanstekelijk en de passie voor het festival zet zich al snel om in liefde. Passie is nu eenmaal tijdelijk, liefde is voor eeuwig.

Overbergh: Twee jaar geleden zijn wij gestart in de naweeën van de aanslagen van Brussel; een verschrikkelijk moment om zoiets ter wereld te zetten, maar het heeft ons gehard, want tijdens de tweede editie stonden we er al. Nu komen we aan de derde editie. En ik voel dat het nog meer mijn stokpaardje is geworden.

BRDCST profileert zich als een grenze(n)loos festival. Wat bedoelen jullie daar precies mee?

Wat mij enorm bezighoudt de laatste jaren, is de manier waarop de maatschappij meer en meer verrechtst: Europa sluit de grenzen, Trump wil een muur bouwen, het hele Brexit-gegeven,... terwijl muziek minder en minder grenzen lijkt te kennen. Heel veel artiesten, die wij nu uitnodigen, zijn eigenlijk collectieven die overal verspreid op de wereldbol zitten: Londen, Zuid Afrika, ... noem maar op; gezelschappen die over de grenzen heen dingen doen. En we nodigen ook veel artiesten uit die hun muzikale horizonten graag uitbreiden. Een James Holden bijvoorbeeld, die mengt zijn analoge elektronica bijvoorbeeld graag met Marokkaanse gnawa. Of Young Fathers; dat is doo-wop met hiphop en rauwe rockelementen erin. Met BRDCST proberen we dat vakjesdenken compleet kapot te maken. Het is een festival voor mensen die geen grenzen meer kunnen en willen zien.

Maar het is net die diversiteit van genres en namen die het moeilijk maakt om er een lijn in te zien.

En dat begrijp ik volledig. Moest je mij dit programma een half jaar geleden hebben laten zien, dan zou ik de helft ervan niet kennen. De meeste namen heb ik pas recentelijk ontdekt. Maar het festival draait dus vooral om het verleggen van grenzen. Niet alleen de muzikanten verleggen grenzen, muzikale , maar ook fysische grenzen, ook ons publiek moet open staan om grenzen te verleggen.

Heb je nu, na drie jaar, al het gevoel dat veel mensen daarin meegaan? Wordt de BRDCST Pass - waarmee je de hele week toegang krijgt tot het volledige festival - goed verkocht?

Die is helemaal uitverkocht! En weet je wat het maffe is aan deze affiche? Het publiek van vorig jaar heeft mij eigenlijk carte blanche gegeven om tot dit resultaat te komen. Ik kan hier wel zitten roepen over grenzenloosheid en wat nog allemaal. Maar als het publiek niet komt, dan sta ik daar wel als een debiel. Wij zijn vorig jaar van zevenhonderd naar ruwweg vierduizend betalende bezoekers gegaan. En we hebben ook een gratis circuit in gang gezet. Er zijn gratis optredens in de Bonnefooi en bij ons in de AB. Er waren zelfs gratis nachtconcerten en die zaten allemaal bomvol. Met als resultaat dat we in totaal grofweg meer dan vijfduizend bezoekers over de vloer hebben gehad. Voor mij was dat het signaal dat we goed bezig zijn. We hebben dit jaar bijgevolg het aantal combipassen serieus opgetrokken. En ziedaar: we hebben drie keer zoveel stuks verkocht.

BRDCST is dus eigenlijk een merk geworden.

Klopt. En dat is bijna onmogelijk, want het is nog maar de derde editie. We zitten al aan tachtig procent van de verkoop van vorig jaar. Dat is fantastisch. En het geeft ons allen hoop en voldoening om verder deze richting uit te gaan.

Bij de opstart van BRDCST werd een geheim manifest geschreven, waarbij het de bedoeling was dat jullie daar niet - of toch zo weinig mogelijk - van gingen afwijken.

Ik wil niet veel over de inhoud van ons manifest prijsgeven. Maar er stonden een tiental richtlijnen in om onze ziel niet te verloochenen, zeg maar. Het festival is ondertussen zo uit de hand gelopen dat we eigenlijk nog dieper gegraven hebben en het manifest eigenlijk een beetje naast ons neergelegd hebben. We zijn nog radicaler beginnen programmeren. Het grappige is dat ik pas deze week terug aan ons manifest dacht. Het bestaat nog, maar we zijn nog radicaler geworden. Dat is het eerlijkste antwoord dat ik hierop kan geven.

Het is ook zo dat, als je bezoekersaantal zo gevoelig stijgt, je in een maalstroom van bekendere artiesten terechtkomt. En dan is het een uitdaging om er creatief mee om te gaan en die originele richtlijnen te blijven volgen.

Één van de meer bekende namen op de affiche zijn Sleaford Mods. Zij krijgen een hele avond ter beschikking.

Toen ik met hun management aan het praten was, vroegen die of ze echt carte blanche kregen voor die avond. Ze wilden enkel noise en hardcore punk programmeren. Ik zei vlakaf: “Bring it on! Daarom vragen we jullie!”. Ze brengen bijvoorbeeld Nachthexen mee, sixtiesgetinte, female punkrock. Of The Lowest Form, verschroeiende noisepunk. Heerlijk allemaal! Dat gaan acht uppercuts zijn die het publiek zal krijgen, met Sleaford Mods zelf die het publiek moet lokken. Het perfecte voorbeeld van hoe we dieper zijn gaan graven in dat manifest.

Het grappige aan de affiche met Sleaford Mods is dat alles wat ze meebrengen ook effectief klinkt als Sleaford Mods. Een verloren gelopen singer-songwriter, klinkt als een akoestische versie van Sleaford Mods. De noise lijkt wel een radicale gitaarversie van Sleaford Mods. Het zit allemaal in hetzelfde idioom. Dat maakt het zo mooi.

Sleaford Mods hebben ook een bus ingelegd met vrienden die meekomen, speciaal voor deze avond. Fuck, we zijn er echt in geslaagd deze jongens een platform te geven, dat ze blijkbaar nergens in de wereld krijgen. En het publiek - althans ik zie het aan de voorverkoop - wil zich maar al te graag onderdompelen in dat radicale. Dat is het schoonste wat er is: voelen dat het publiek mee wil en is.

Kunnen we zeggen dat BRDCST een festival is dat rond thema’s werkt?

Helemaal. Persoonlijk werk ik voor het eerst rond thema’s. Vroeger hebben wij natuurlijk het Broadcast Festival georganiseerd, waar het vooral de bedoeling was om muzikale bakens te verzetten. We hebben in de tijd nog LCD Soundsystem gehad en Sigur Ros voor het eerst naar België gehaald. Daar ben ik best wel trots op. Maar dat werken met thema’s is nieuw voor ons. "Protest" is één van die thema’s. En daar valt heel wat radicale shit onder. Maar we fixeren ons ook op global sounds, een heel interessante markt om je in te verdiepen.

Nadah El Chazli is bijvoorbeeld een Egyptische zangeres die met elektronica en jazz knutselt. Ze heeft onlangs een playlist gedropt op The Wire. Dat gaat van Egyptische hiphop over Egyptische jazz naar verkapte noise; echt de moeite. Dat zijn werelden waar ik nog nooit iets uit gehoord heb. Hier verleggen we ook grenzen mee. Die artiesten verbazen zich er dan over dat ik hen geboekt heb. Daar word ik helemaal zot van in mijn kop, op een positieve manier.

Een ander thema waarvoor jullie resoluut lijken te kiezen is de stem van de vrouw.

...en dat is helemaal bewust. Dat klinkt misschien onnozel, maar ik vind dat festivals niet meer buiten de maatschappij mogen staan. Er gebeuren zoveel dingen in de wereld waarvoor artiesten zo kwaad zijn en dat verwerken ze dan in teksten en in muziek: Sleaford Mods die enorm tegen de Brexit zijn; Young Fathers die anti-islam-betogingen zingen of rappen; en ga zo maar door. Ik vind dat die artiesten een platform moeten krijgen. En dat geldt zeker voor de discussie dat er meer vrouwen op een festival moeten staan. Je kan dat misschien terecht vinden, maar doe er dan iets aan!

Dus dachten jullie: we boeken ineens een heel vrouwenkoor; een staatskoor uit Bulgarije dan nog, dat luistert naar de naam Le Mystère Des Voix Bulgares, en in de jaren tachtig ontdekt werd door het 4AD label.

Ik ben heel grote fan van het  Le Guess Who festival. En plots zag ik dat vrouwenkoor op de affiche staan. Je moet weten: ik heb dat vrouwenkoor in de jaren tachtig nog gezien. Dat was dus een verre herinnering uit mijn jeugd. Ik ben met mijn ouders zeven keer naar Joegoslavië en Bulgarije op reis geweest en heb een heel emotionele band met die landen. Ik ben onmiddellijk met dat management gaan spreken. En zij vonden het jammer dat niemand in het thuisland nog wakker lag van dat koor. Dus ze hebben dat koor terug samengeroepen en enkele optredens gedaan. En de reacties waren behoorlijk overweldigend.

Wij hadden het vrouwenkoor vastgelegd een maand voor het optreden op Le Guess Who. En het leek al snel op een sof uit te draaien. Amper tickets verkocht: gegokt en verloren. Maar plots begon dat te leven. De reviews van op Le Guess Who waren superpositief. Maar ook internationaal begon het enorm te leven: Gorillaz hadden het in de mixtape gezet, Drake en Ibeji gebruiken er een sample van. Er hangt iets in de lucht. Op dit moment hebben we al meer dan achthonderd tickets verkocht voor dat optreden. Het doet me plezier dat we zoiets aan de nieuwe generatie kunnen doorgeven.

Wat mogen we eigenlijk van dat optreden verwachten?

Puur technisch kan ik het moeilijk uitleggen, maar er zit heel wat samenzang en dissonantie in. Het is uiteraard niet het oorspronkelijke koor van in de jaren vijftig. Een paar van hen zijn overleden. Maar ze werken nog steeds op de aloude manier en brengen oude, traditionele volksliederen, maar in een nieuw jasje, waar het kan. Ze brengen bijvoorbeeld een beatboxer mee en ook Lisa Gerard van Dead Can Dance komt mee als speciaal project. Het ziet er een beetje het buitenbeentje op de affiche uit, maar als je er wat dieper op ingaat, moet je toch besluiten dat het een heel straf project is. We zijn er alvast heel blij mee.

Jij bent zelf een grote fan van The Velvet Underground. Dat hebben we gezien in het programma ‘Culture Club’ op Canvas, waarvoor je op bezoek ging in New York om de bekendste plaatsen rond de bananenplaat op te zoeken. Dit jaar krijgt The Velvet Underground een eigen avond op BRDCST.

We richten onze blik met BRDCST naar de toekomst, maar af en toe doet het deugd om ook eens naar het verleden te kijken. Dat vrouwenkoor is daar alvast een mooi voorbeeld van. Maar ik merk dat er ook veel te doen is rond het veertigjarig bestaan van de punk. De meeste mensen denken dan aan The Sex Pistols, maar ik persoonlijk denk meteen aan The Velvet Underground, want ik ben inderdaad een enorme fan.

Voor 'Culture Club' ben ik op bezoek geweest bij de echte producer van de bananenplaat: Norman Dolph. Ik ben bij hem thuis geweest en we zijn blijven contact houden. Toen hij plannen had om Europa te bezoeken, heb ik hem hier uitgenodigd om samen iets te gaan eten en om eventueel een babbel te doen in ons AB Salon over die plaat.

Rond die periode kwam Bart van Barst, die trouwens al op beide edities van BRDCST heeft gestaan, af met een project over The Velvet Underground. We hebben hemel en aarde bewogen om die twee elementen samen te krijgen, maar nu ‘White Light/White Heat’ dit jaar vijftig wordt, zijn we voluit voor een avond rond die plaat gegaan.

Barst zal het nummer Sister Ray, dat ruim zeventien minuten duurt, uitrekken tot een concert van rond de veertig minuten. En wat ik zelf helemaal niet wist, is dat Sister Ray gaat over een orgie met meer dan negentien personages in verwerkt. Het is de bedoeling dat de bezoekers ook die personages in stripvorm mee krijgen. Sister Ray zal dus helemaal tot leven komen. En we hopen dat je dat nummer nooit meer hetzelfde zal bekijken.

Als er één avond is die je persoonlijk wil aanbevelen, stellen wij dan een moeilijke?

Dat is hopeloos (lacht)! Dan geef ik het liefst van al eigenlijk een anti-BRDCST tip: ga naar de gratis concerten kijken. Je kan een prachtig gratis parcours uitdokteren dat echt de moeite is.

Maar wat het betalende stuk betreft, zou ik misschien toch voor de James Holden-avond gaan. We willen het festival van de toekomst zijn. En James Holden heeft zichzelf herontdekt. Hij wil geen remixen meer maken, maar de hort op gaan met een live band. Heel explosief, echt de moeite. Maar we hebben er echt geen analoge elektronica-avond van gemaakt, integendeel. Tussen de optredens door hebben we een dj gezet die Marokkaanse muziek uit de jaren zestig en zeventig zal draaien, wat heel dominant te horen zal zijn. Daarnaast hebben we Ammar 808 gezet, een Toearegband uit Brussel; hedendaagse, Marokkaanse muziek, gemengd met Morrocan Bass; heel zwaar. En daar zetten we dan Moor Mother bij, een free jazz-ensemble. Een avond met een topper, maar ook radicaal in de muziekkeuze. En alle thema’s komen op die avond samen. Dat is BRDCST in een notendop.

28 maart 2018
Joris Roobroeck