Ik Zie U Graag (Marco Petersen) Onverholen propaganda voor belpop

Onverholen propaganda voor belpop

Aanstaand weekend vindt in Breda ‘Ik Zie U Graag’ plaats. Het Nederlandse mini-festival biedt een exclusief podium aan Belgische bands, is al jaren bezig aan een stille opmars en vindt voor de zesde achtereenvolgende keer plaats. In aanloop naar het festival voelden wij programmeur Marco Petersen alvast aan de tand over zijn visie op de netelige, grensoverschrijdende kwestie. 



Het is een almaar terugkerend thema in de muziekjournalistiek van de lage landen: de blijkbaar moeilijk te benoemen, essentiële verschillen tussen bel- en nederpop. In de loop der jaren werd er al veelvuldig over gediscussieerd en zijn de nodige zaken soms nogal opgeblazen. Met name tussen Hollanders onderling overigens, die uit een schijnbaar onderliggend minderwaardigheidscomplex altijd maar weer op defensieve wijze de strijd aangaan met hun zuiderburen.

Een kort overzicht: Essayist Joost Zwagerman diepte in zijn bundel ‘Perfect Day’ uit 2006 persoonlijke herinneringen op aan zowel dEUS als Johan. Tom Barman omschreef de Nederlandse voorliefde voor België al eens als een verlangen naar hyperkinesie. Recensent Gijsbert Kamer poogde voor eens en altijd uitsluitsel te geven door te wijzen op historisch uiteenlopende ideeën over ambachtelijkheid. En onlangs plaatste Vice een artikel van Vincent Cardinaal, waarin de blogger de loftrompet steekt over het Vlaamse media- en poplandschap. 

Dit wordt al de zesde keer dat Ik Zie U Graag plaats vindt. Kunt u iets vertellen over de onstaansgeschiedenis van het initiatief?
Marco Petersen: Toen ik zes jaar geleden deze baan aannam was het een van de paar prioriteiten die ik had gesteld voor mezelf. Ik wist al dat Mezz zich heel erg focuste op Belgie, dus naar mijn idee was het een inkoppertje om er een festival uit te rammen.

Wat zijn de verschillen tussen de Nederlandse en Belgische muziekscene?
Het groeit steeds meer naar elkaar toe, doordat ook 3FM en ‘De Wereld Draait Door’ steeds meer aandacht besteden aan Nederlandse popmuziek. Belgie deed dat al jaren lang: in België bestaat de top tien van ‘De Afrekening’ al jaren voor ongeveer zeventig procent uit artiesten van eigen bodem. Wil je als bandje ergens komen, dan is het cruciaal dat je op de radio komt. Verder hebben beide landen een clubcircuit waarin je als band met talent en de juiste instelling echt wel wat optredens kan binnenhengelen. Het is overigens wel zo dat in België de muziek wat alternatiever is: ruwer, rauwer en spannender. Je ziet dat er ook erg veel samengewerkt wordt en naar elkaar wordt gekeken op een positieve manier. In Nederland is dat minder.

Zou het idee achter ‘Ik Zie U Graag’ in omgekeerde vorm ook kunnen slagen? Staat zoiets wellicht zelfs al op stapel?
Ik ben er groot voorstander van dat dit zou gaan gebeuren en heb al eens een balletje opgegooid in België. De tijd is er zeker rijp voor. Je ziet in Belgie dat er steeds meer met een open vizier naar Nederlandse popmuziek wordt geluisterd. Een act als Blaudzun wordt bijvoorbeeld behoorlijk goed opgepikt. Zowel op de radio als in het clubcircuit.

Het viel ons op dat er een week voor ‘Ik Zie U Graag’ een zogenaamde ‘Belpopnacht’ gepland stond in het fraaie Antwerpse Romatheater. Zijn Belgen chauvinistischer?
In Nederland wordt er ook heel veel aandacht besteed aan vaderlandse bandjes, Noorderslag is daar een goed voorbeeld van. Dus ik denk niet dat mijn zuiderburen specifiek chauvinistischer zijn. Er draaide trouwens een Nederlandse dj op de Belpopnacht (Willem Jongeneelen, nvdr).

“De Vlamingen zijn goed in zoeken naar muzikaal avontuur, met een handboek moderne kunstgeschiedenis onder de arm. Het ontbreekt nogal eens aan sterke liedjes. Nederlandse popmuzikanten volgen misschien vaak de bekende route en zijn ambachtelijker ingesteld, maar ze komen meestal wel met knappere liedjes thuis.” Dit citaat is afkomstig van Volkskrant-recensent Gijsbert Kamer, die zich tweeëneenhalf jaar geleden al eens boog over de België/Nederland-kwestie. Kunt u zich vinden in zijn algemene constatering dat het verschil tussen Belgische en Nederlandse pop te maken heeft met een zucht naar respectievelijk het artistieke en het ambachtelijke?
Ik kan me er enerzijds in vinden, maar ik ben het er niet mee eens dat het ambachtelijk schrijven van liedjes betekent dat dit sterkere songs oplevert. In België stikt het ook van hele knappe songstructuren en meezingers terwijl er in Nederland anderzijds ook een heel gezond alternatief klimaat is. Denk aan het alternatieve platform Subbacultcha, of aan bands als Rats On Rafts en Jacco Gardner.

Hoe gaat u te werk bij de programmering? Werken jullie samen met labels, distributeurs, clubs of is de Belgische radio de belangrijkste gatekeeper? Wie zijn kortom jullie partners en op basis van welke criteria selecteren jullie groepen? Is urgentie - net een plaat uit hebben - altijd een voorwaarde?

Ik krijg van alle kanten tips toegefluisterd vanuit de Belgische scene en krijg ook van Nederlandse boekers aanbod. Verder bezoek ik natuurlijk regelmatig concerten. Mauroworld heb ik onlangs zelf in Trix gezien. En ik heb ook een paar bandjes bij Glimps weggekaapt. Verder werken we samen met Vi.be. Daar staan altijd wel een aantal enthousiaste jonge honden in de rij.

Ik vind het  inderdaad heel belangrijk dat het relevante bands zijn, bands van het moment. Zo hebben heel veel acts die op het festival staan een aanstaande cd-release. Dat is te allen tijde een voorwaarde. En Studio Brussel is een echte maatstaf, dat staat dagelijks aan op kantoor – hier in Brabant zit dat gewoon in de ether.

U noemt nu zelf Studio Brussel en het viel ons ook al op dat jullie je profileren als Belgisch festival  terwijl de affiche toch louter uit Vlaamse groepen bestaat. Kunt u dat verklaren?
Ik geef toe dat er een heel duidelijke scheiding bestaat tussen het Vlaamse en Waalse aanbod. We sluiten Waalse groepen zeker niet uit, maar het komt erop neer dat Vlaamse bands nu eenmaal ook heel graag in Nederland willen komen spelen. Er staan evenwel regelmatig Brusselse bands op ‘Ik Zie U Graag’. We zijn voor deze editie ook absoluut achter Waalse bands aangegaan, maar daar is nu eenmaal niets uitgekomen.

Tenslotte: welke naam die dit jaar op het affiche prijkt kunt u de festivalgangers persoonlijk aanbevelen?
Robbing Millions, daar heb ik ademloos naar gekeken in een klein kroegje in Gent en die gaan zich absoluut nog ontwikkelen tot een grote band: indierock met een fikse knipoog naar MGMT. En Mauroworld, omdat Pawlowski als geen ander het serieuze met het totaal waanzinnige kan verbinden.

Lees binnenkort ook het verslag van de laatste dag van ‘Ik Zie U Graag’ waarop Mauro Pawlowski in verschillende gedaantes acte de présence zal geven. 


April 8, 2014
Max Majorana