Hannelore Bedert - Niet zo donker als je zou denken

‘Iets Dat Niet Komt’, zo heet de derde plaat van Hannelore Bedert, een plaat waarop de naar Gent uitgeweken West-Vlaamse opnieuw haar messcherpe teksten laat horen. Ze gaan bij momenten tot op het bot en raken gevoelige snaren. Soms warm en zalvend, dan weer ijzingwekkend kil. Maar ook al zijn de teksten vaak zwaarmoedig en niet van de poes, Hannelore Bedert staat ons best wel enthousiast te woord. Het mag duidelijk zijn dat ze trots is op haar nieuwe plaat.





Het is ondertussen al je derde album. Je bent stilaan een blijver, voel je dat ook zo aan?

Hannelore Bedert:: Ik hoop het (lacht). Ik word op dit moment zo betiteld maar zelf besef ik dat ik nog maar drie platen heb gemaakt. Als ik mezelf vergelijk met iemand als Raymond lijkt me dat nog altijd bitter weinig.

Is de plaat op dezelfde manier tot stand gekomen als je eerste twee cd’s?

De eerste plaat was sowieso, zoals alle debuutplaten, een samenraapsel van al wat ik de jaren ervoor had gedaan. Ik heb de beste liedjes die ik toen had, opgenomen, maar een echt samenhangend geheel kan je dat toch niet noemen. Bij mijn tweede plaat had ik dan weer het gevoel van "en nu mag ik mijn tweede cd maken". Ik ben over allebei de platen tevreden, maar nu wou ik echt dat de liedjes een geheel zouden vormen. Ik kon op de een of andere manier veel gerichter schrijven en opnemen. De keuze voor de mensen met wie ik gewerkt heb, verliep ook veel organischer dan daarvoor.

Je wist precies wat je wou. Wat had je dan precies voor ogen?

Ik was aanvankelijk toch vooral met het muzikale luik bezig. Iemand zei me dat je als muzikant nooit dezelfde muziek wil maken als je eigen muzikale helden. Ik begon me te ergeren dat ik een lied dat ik zelf graag hoor nooit kon vertalen in een song die ik zelf had gemaakt, ook al wilde ik dat zo graag. Ik denk dat het voor mij een vertrekpunt was. Ik wou een plaat maken zoals ik dat wou. Het was een zoektocht naar een plaat die ik zelf ook wou kopen in de winkel.

Leg je dan de lat extra hoog als je die gedachte in je achterhoofd houdt bij het creëren van liedjes?

Ik vind dat ik de lat altijd zo hoog mogelijk probeer te leggen , wat soms frustrerend werkt en wat leidt tot het weggooien van nummers. Wat mij ook geholpen heeft, is dat mijn gitarist die uiteindelijk de plaat zou producen ook al aanwezig was tijdens het schrijfproces. Vroeger kwam hij er maar bij een week of twee voor we gingen opnemen. Nu startte dat preproductieproces veel vroeger waardoor we de lat hoger konden leggen.

Zoals het een echte singer-songwriter past heb je het grootste deel van de nummers zelf geschreven.

Dat klopt, maar ik denk wel dat het zonder Thomas (Thomas Vanelslander, bekend van zijn werk voor Gorki, Arno en Raymond, nvdr) en Filip (Filip Tanghe, de live mixer van Balthazar, nvdr) toch een heel andere plaat zou geworden zijn. Ik kan de songs wel schrijven en uitleggen hoe het muzikaal moet klinken, de twee jongens hebben toch een extra dimensie toegevoegd. Zonder hen was het toch een andere plaat geworden.

Senne Guns en Sarah Bettens doen ook mee op je plaat. Waarom koos je voor hen?

Met Senne trok ik vorig jaar door Vlaanderen in het kader van een project van Radio 1. Ervoor kenden we elkaar niet en ook elkaars muziek kenden we niet. We hadden misschien vooraf wat vooroordelen en gaandeweg de tournee hebben we toch een band opgebouwd. Ook muzikaal werkte het wel. Senne kan ontzettend veel met zijn toetsen. Ik wilde mijn backings deze keer niet allemaal zelf inzingen en daarvoor kwam ik bij Sarah uit. Ik ben altijd fan van haar geweest en Thomas speelde vroeger bij K’s Choice dus kon hij ons verenigen. Sarah heeft dat echt heel schoon gedaan. Haar op mijn plaat hebben is geen promostunt, maar een verrijking voor mijn liedjes. Haar stem is gewoon fantastisch.

De teksten zelf snijden door merg en been en daarop komt het woord "ik" vaak terug. Mogen we daaruit besluiten dat het een autobiografische plaat geworden is?

Het is een autobiografische plaat in die zin dat veel situaties die ik heb meegemaakt erop staan, maar wel uitvergroot zijn. Mensen die me kennen weten dat ik een heel gelukkige en vrolijke vrouw ben die niet zo donker is als je zou denken na het beluisteren van mijn plaat (lacht). Ik heb alleen niet de behoefte om over vrolijke dingen te schrijven. Als ik dan kleinere situaties ga uitvergroten is dat enkel om een songtekst interessant te maken tot op het eind. ’t Is niet dat ik elke dag huilend en triest thuis zit.

Toch zit er best veel kommer en kwel in de teksten.

Misschien, hoewel ik vind dat ik mezelf heel erg kan relativeren. Ik heb genoeg zelfkritiek. Ik kan me inbeelden dat wie niet houdt van dit soort muziek denkt van "wat een psychologische kommer en kwel is me dat!". Als je naar iemand als Damien Rice luistert zijn dat ook songs met een dergelijke zwarte thematiek, maar niemand struikelt daarover omdat hij in het Engels zingt. In het Nederlands klinkt alles zo direct. Mensen verstaan alles en dan krijg je van hen wel eens kritiek maar daar heb ik me bij neergelegd na drie platen. Er zullen altijd harde voor- en tegenstanders zijn.

Veel nummers zijn vrij sober ingekleed. Heb je daarvoor bewust gekozen of zijn die liedjes zo gegroeid tijdens het creatie- en opnameproces?

We hebben eigenlijk nooit het plan gehad om er een tekstplaat van te maken. Ik heb wel het gevoel dat in de beslissing om een aantal dingen sober te houden toch een rijkdom aan klankkleuren is ontstaan. Heel veel nummers leenden zich tot iets sobers en waren meer gebaat met een handvol instrumenten dan met een overdaad. Ik weet niet of dat bewust is gebeurd, maar in het proces is het wel zo gelopen.

Veel teksten zijn breekbaar en frêle. Is dat de jongvolwassen vrouw die nog op zoek is?

Ik ben sowieso de eeuwige twijfelaar of ik nu vijftien of bijna dertig ben. Geloof me, op mijn vierenvijftigste zal ik nog even hard twijfelen. Ik vind het wel mooi dat iemand een zekere kwetsbaarheid durft te tonen. Als ik luister naar de laatste plaat van Raymond en ik hoor het openingsnummer ’Aan de meet’ dan is dat liedje ook erg broos. Ik vind het erg mooi dat iemand van zestig zich ook nog zo breekbaar kan opstellen. De eeuwige twijfelaar zal altijd blijven bestaan.

Zon is het laatste nummer van de plaat. Een heel rustig nummer over een verlies. Hoe moeilijk is het om zo’n nummers te schrijven?

Het is de eerste keer dat zo’n nummer therapeutisch werkt bij mij. Als ik over relaties schijf of over mijn slecht gevoel, dan is dat louter een uitlaatklep. Zon en Afspraak waren mijn manier om met een verlies om te gaan. Ik ben helaas mijn nicht die halfweg de dertig was aan kanker verloren, een heel oneerlijke manier om te sterven is dat. Ik voelde me zo machteloos, de liedjes waren mijn manier om daarmee om te gaan. Ik heb het niet lastig gehad de nummers te schrijven omdat ze me hielpen om alles te verwerken.

Een nieuwe plaat betekent ook vernieuwde ambities. Ben je iemand die dat ietwat vieze woord in de mond durft te nemen en zo ja, wat het woord concreet betekent voor jou anno 2013?

Ik ben heel realistisch: ik speel in Vlaanderen en Nederland en verder gaat het niet. Ik ben dus beperkt. Toch ben ik blij dat ik elke keer weer een volgende plaat kan maken en veel kan spelen, alleen is het nog altijd crisis en dus wordt het lastiger. Ik blijf het wel leuk vinden dat mensen zitten te wachten op mijn platen, dat blijft deugd doen zeker omdat ik zo kan doen wat ik erg graag doe. Mocht ik in ’t Engels schrijven zou ik misschien ambitieuzer zijn, ik zou langer en meer kunnen toeren. Nu zit ik door de taal met een zekere beperking. Ik blijf daar precies vrij kalm bij, wat niet betekent dat ik niet ambitieus ben. Ik wil mezelf uitdagen in het kleine taalgebied dat er hier maar is.

Vlaanderen zette je de voorbije jaren naar je hand, maar hoe zit het met Hannelore Bedert in Nederland?

Bij mijn eerste plaat hebben we daar veel gespeeld en hadden we een vol seizoen maar ook daar is de crisis hard voelbaar. Voor veel artiesten en zeker de Vlaamse is het lastig. Volgend jaar ga ik daarom de krachten bundelen met Eva De Roovere, we merken dat ze voor een dergelijk dubbelprogramma wel interesse tonen. De ticketprijzen in Nederland zijn erg hoog omdat de risico’s niet meer worden genomen door programmatoren. Ik hoop dat het stilaan wat verandert. Helaas denkt Nederland ook commerciëler. 3FM is daar dé radio en als je daar niet op gedraaid wordt, is het moeilijk om daar een voet binnen te krijgen. Mijn muziek leent zich niet meteen tot 3FM dus blijft het elke keer weer een opdracht om tijdens concerten zieltjes te winnen. Het is een lange en trage weg.

Je roots liggen in het West-Vlaamse Deerlijk. Het West-Vlaams als taal wat voorkwam op je eerste plaat is kennelijk helemaal verdwenen. Heb je daar zelf een verklaring voor?

Het is zeker niet dat ik mijn roots wil verloochenen, maar ik woon er gewoon niet meer, zo simpel is dat. Ten tijde van mijn debuut-cd woonde ik half in Deerlijk en half in Antwerpen, bij de tweede woonde ik al in Gent en had ik nog maar een kleine link, maar ondertussen woon ik nu al zo lang in Gent dat ik  verder en verder van mijn geboortestreek af sta. Het enige moment dat ik nog West-Vlaams praat is op uitstapjes met vriendinnen of bij mijn thuis. Mijn dagdagelijkse spreektaal is het niet meer. Ik zing in de taal die ik spreek, de taal van ge en gij, dat is hoe ik spreek.  Ik blijf het jammer vinden dat sommigen daarop kritiek hebben.

‘Iets Dat Niet Komt’ is daar een uitloper van. In het algemeen Nederlands zegt men ‘Iets wat niet komt’…

Dat klonk gewoon iets beter, meer is dat niet. Even is er twijfel over geweest of we dat moesten veranderen, maar ik heb er niet wakker van gelegen. Uiteindelijk kozen we toch maar voor ‘Iets Dat Niet Komt’. Het lijkt me nog altijd de beste keuze.

Hannelore Bedert stelt haar nieuwe cd voor op 24/01 in de AB in Brussel en op 01/02 in de Roma in Borgerhout.  Daarna is ze ondermeer te zien in Leuven, Mol, Eeklo, Essen en Antwerpen. Meer info op www.hannelorebedert.be.

12 december 2013
Steven Verhamme