Hannelore Bedert - Ik ben niet de persoon die op de barricades gaat staan

Ooit schreef ze zélf nog voor dit medium, maar ondertussen ligt haar tweede langspeler 'Uitgewist' in de winkelrekken, is ze moeder geworden en heeft ze haar eigen platenlabel. In het gezelligste hoekje van haar favoriete koffiebar schoven we bij voor een gesprek met Hannelore Bedert.





Je bent heel gevoelig voor kritiek, zowel positieve als negatieve. Is de mening van anderen over je muziek dan belangrijker dan die van jezelf?

Dat is zwaar veranderd. Bij de vorige plaat vond ik iets zélf pas goed, als iemand anders gezegd had dat het goed was. Nu heb ik daarin zelf leren beslissen. Ik sta nu voor honderd procent of zelfs meer achter de plaat. Als er mensen zijn die kritiek hebben, doet dat me nog wel iets, maar ik kan het van me afzetten.

Sta je dan niet meer volledig achter je eerste album?

Naar de vorige plaat kan ik niet meer luisteren. De nummers zijn ondertussen zo gegroeid door ze live te spelen! "Sommige dingen hadden we anders kunnen opnemen.", denk ik dan. Je kan ze dan live wel anders spelen, maar het plaatje blijft geperst en daar kan je niets meer aan veranderen. Als iemand me vertelt dat hij/zij nog vaak naar die eerste plaat luistert, vind ik dat vreemd, maar misschien denk ik binnen twee jaar precies hetzelfde over dit album. (lacht)

Het sterke punt van de vorige plaat waren de teksten. Ben je nu vooral tevreden over de grote muzikale vooruitgang?

Bij de vorige plaat voelde je dat we nog niet echt een groep waren. Nu spelen we al bijna drie jaar samen, en dat hoor je ook aan de sound. Daarbij is producer Luc Weytjens een muzikaal genie: hij voelt zeer goed aan hoe muziek moet of mag klinken. Als ik hem met veel moeite probeerde uit te leggen hoe iets moest klinken, snapte hij waarover ik het had en kon hij dat ook technisch oplossen. Zo iemand had ik nodig. Niet iemand die zegt: "Mja, maar ík zou het toch zó doen."

Repeteren jullie ook als een echte band, of hou jij de touwtjes stevig in handen?

Ik kom naar de repetitie met een song die voor mij af is. Als ik die dan aan de anderen laat horen, zijn de meningen zich al aan het vormen (lacht). Alles mag bij ons uitgeprobeerd worden, maar als ik het niet goed vind, wordt het niet gespeeld. De anderen noemen me dan "De Chef", maar alles vertrekt uiteindelijk bij mij. En als op het einde van de rit de zaken anders klinken dan ik wilde, is het niet oké. Maar onder de muzikanten marcheert alles goed. We we hebben geen probleem om tegen elkaar zeggen: "Ik vind dat echt een schijtlijn, wat je daar aan het spelen bent!".

Hoewel je nu als een groep klinkt, blijft men vaak vooral focussen op je teksten en loert het etiket "kleinkunst" om de hoek.

Voor mij hangt dat altijd samen: de tekst wordt sterker door de muziek, en omgekeerd. De nieuwe sound is niet per se bedoeld om het kleinkunstetiket van me af te spelen. Maar het is niet omdat ik in het Nederlands schrijf en soms enkel begeleid word door piano of gitaar dat het kleinkunst is. Als ik in het Engels zou zingen, was ik een singer-songwriter geweest. Nu zit ik in het vakje "Nederlandstalig" waar dan zowat alles onder valt.

Beleef je nu, na het overwinnen van je writer's block, een periode van creatieve explosie? Wil je het moment nu vatten en zo veel mogelijk schrijven?

Ik schrijf nu af en toe, maar helemaal niet met het idee dat er een derde plaat van moet komen. Ik voel wel dat er veel klaar zit, maar ik merkte dat ik dat bij de vorige plaat té hard wilde cultiveren. Als ze nu beginnen over een derde plaat, begin ik niet direct te stressen. Er is een schone rust over me neergedaald.

Je komt scherp uit de hoek, maar je thematiek komt uit je persoonlijke relaties. Schuilt er geen protestzangeres in je?

Neen, ik ben zwaar fan van Ani DiFranco, maar die wil misschien te vaak een feministische aanklacht brengen tegen om het even wat. Ik ben niet de persoon die op de barricades gaat staan.

Vind je dan niet dat je muziek geëngageerd moet zijn?

Dat vind ik een moeilijke. Ik speel liever op een benefiet dan dat ik dat engagement in mijn muziek moet steken. Vaak worden teksten dan heel moraliserend. Ik krijg dat niet gezongen.

Ook een vorm van engagement is de steun die je gehad hebt van Bart Peeters, Raymond van het Groenewoud en Radio 1. Heb je zelf geen zin om ook eens iemand een duwtje in de rug te geven?

Ik zou dat graag doen, maar ik vind dat nog wat vroeg. Laat me nog maar een paar platen maken en dan het lef hebben om te zeggen: "Ik ga nu iemand helpen om ook die weg af te leggen".

Voor velen ben je toch ook al een gevestigde waarde?

Dat denk ik niet. Als Radio 1 iets van mij niet goed vindt, zullen ze het niet promoten. Misschien kunnen ze niet meer om me heen, maar dat is iets anders. In Vlaanderen gaan de media je nooit met de grond gelijk maken, omdat het wereldje zo klein is. Het is ook gewoon kwetsend. Als ze het goed vinden, zullen ze het zeggen, als het maar lauw is ook. Ze kunnen je wél doodzwijgen, zoals Humo nu bijvoorbeeld doet met mij.

Ben je, nu je net moeder bent, nog even gefocust op de live-tour? Is de tour nog het belangrijkste nu?

Voor mij staan die dingen compleet los van elkaar. Het is ook niet omdat ik nu bevallen ben, dat er een melige vrouwenplaat moet komen. Daar heb ik geen behoefte aan. Als ik begin te spelen, kan ik dat perfect van elkaar scheiden. Dat is een tof gevoel. Ik kijk er erg naar uit om een nummer als Loeihard live te spelen!

Wanneer zal je tevreden van het podium komen?

Als er een moment komt in de set dat alles klopt. Waarop je denkt: "Ik voel het ook!". Dat zijn zeldzame, maar wel magische momenten. Maar ook een spontane bulderlach in een stille zaal kan ik heel grappig vinden!



We zullen eraan denken, volgende keer. Bedankt.

1 februari 2011
Thijs Dely