Geike De schoonheid van verwarring

De schoonheid van verwarring

Het is niet elke dag dat we een diva interviewen. Geike is een naam die bij iedereen gekend is. Van Hooverphonic was ze meer dan tien jaar het gezicht en de stem, tot ze op een blauwe dag besloot dat het genoeg was. Nu opereert ze onder haar eigen naam en draagt ze de volledige verantwoordelijkheid voor het eindproduct. Haar debuut kreeg de naam 'For The Beauty Of Confusion' mee.



Hoeveel moed was er nodig om er alleen voor te gaan?

Ik heb het natuurlijk niet helemaal alleen gedaan. Ik heb een team rond mij gezocht om mij te ondersteunen. Het is wel spannend dat ik er nu helemaal alleen voor insta, dat wel.

Wist je al dat je een soloplaat wilde maken toen je stopte met Hooverphonic?

Het was een moeilijk moment voor mij. Uiteindelijk hebben we bijna twaalf jaar samen beleefd en dan heb je toch wel een relatie opgebouwd. Toen ik stopte, had ik geen duidelijk plan en heb ik zelfs even getwijfeld of ik verder wilde in de muziek. 

Maar zingen blijft uiteindelijk mijn manier van communiceren. Ik heb de indruk dat ik zo tot mensen kan doordringen. Het hele circus dat erbij komt kijken neem ik er dan maar bij. De magische momenten die je ondervindt op een podium en met muzikanten in de studio, daar doe ik het voor.

Hoe heb je de mensen gevonden waar je mee samenwerkt?

Ik kende Frank Duchêne al lang en ik weet dus ook wat zijn talenten zijn en waar hij voor staat. Hij haalde er ook Yannic Fonderie bij. Ik heb mensen gezocht die niet de plaat naar zich toe zouden trekken, maar mij de plaats konden geven om te groeien. Mensen dus zonder al te groot ego. Het gaat uiteindelijk om mijn nummers, en die moeten gewoon ondersteund worden.

Met Sam Touzani werk ik al een tijd samen. Hij is zowel mijn zakelijke als mijn persoonlijke partner, en ook mijn manager. We vormen een superteam. Hij heeft ook mijn teksten nagelezen.

Voor de muziek heb ik verschillende mensen ingeschakeld. Stefan Wellens bijvoorbeeld is heel lang violist geweest bij Wannes Van De Velde. Ik heb hem ontmoet bij Gouden Vleugels en dat klikte goed. Met Korneel Barbry schreef ik Icy. 

Met Christophe Calis heb ik In Gold, Night Time 'Round Here en You Don't Have To geschreven en hij speelde ook in Sutrastore, de vorige groep van mijn zus. Hij is filosoof en we hebben altijd heel inspirerende discussies. 

Luke Mourinet ten slotte is iemand die heel veel remixen maakte voor o.a. Au Revoir Simone of Kylie Minogue. Hij komt dus uit een commerciëlere hoek.

De sound waar je op uitkomt ligt uiteindelijk wel dicht bij wat Hooverphonic deed, niet?

Er zal allicht wel iets in mijn bloed zijn blijven hangen na die twaalf jaar, en daar ben ik niet rouwig om. Toch heb ik het gevoel dat alles op een andere manier geschreven is. De productie en het instrumentarium zijn ook helemaal anders. Bovendien is de sound van Hooverphonic zo uitgebreid en is mijn stem daaraan verbonden. Ik veronderstel dat mensen mij nog wel een tijdje zullen associëren met Hooverphonic.

Mijn favoriete nummer is In Gold. Het doet mij denken aan Fever Ray.

Je bent niet de eerste die dat zegt. Ik hou van haar muziek en ze werkt inspirerend. Maar ik dacht niet aan haar toen ik het schreef, en ik wilde haar zeker niet imiteren. Ze is iemand die niet vasthoudt aan een bepaald songpatroon en dat respecteer ik. In Gold is een herwerkt oud synthlijntje. De beelden die bij dat nummer bij me opkomen zijn die van open vlaktes en klaagzangen.

Net als bij Fever Ray is de sfeer in de meeste van jouw nummers relatief donker.

Het klopt dat ik niet de gemakkelijkste thema’s heb gekozen. Het is geen lichte plaat maar er zit toch ook veel humor in, hoor. Een zin als "Everybody's blind here and I'm the queen of moods", daarmee relativeer ik vooral mezelf. Een gevoel van "wie kan ik vertrouwen want niemand begrijpt wat er aan de hand is", maar dat gevoel ligt grotendeels aan mezelf. Maar het kan dat niet iedereen dat opmerkt. Ik heb geprobeerd eerlijk te zijn in wat ik schrijf en ik heb de dingen geschreven zoals ik ze aanvoel.

Is een vrouw als Roísin Murphy een invloed? Haar parcours verloopt precies parallel met het jouwe.

In zekere zin wel, ze is een fantastische vrouw naar wie je alleen kunt opkijken. De kwinkslag waarmee ze soms de gedistingeerde madame uithangt en de fuck you-attitude van de foto op de hoes van het laatste Molokoalbum maken duidelijk dat ze een heel sterke vrouw is.

Speel je eigenlijk zelf muziek?

Ik speel niet zoveel piano of gitaar, maar net genoeg om te componeren. Als de zang- en melodielijnen quasi klaar zijn, heb ik meestal ook een idee van de arrangementen die ik erbij wil. Daarmee stap ik dan naar de anderen. Het is natuurlijk ook een groeiproces geweest. Bij Hooverphonic was mijn taak vooral uitvoerend en was het schrijven uitzonderlijk.

Had je daar voldoende inbreng?

Bij momenten wel, en soms was dat echt magisch. Bij Music Box bijvoorbeeld. Maar Alex Callier schrijft zodanig snel, je kunt hem een nummer per dag laten schrijven en dat zal telkens klaar zijn, als het al niet binnen het uur klaar is. Dus ik kon daar weinig in betekenen en dat hoefde toen ook niet.

Komen jullie eigenlijk nog overeen?

Er is geen ruzie, neen. Het is een beetje stil tussen ons, dat is alles.

Wat je duidelijk overgehouden hebt uit die periode is je gevoel voor styling, niet?

Toen ik begon bij Hooverphonic heb ik een halve make-over ondergaan. Daarvoor liep ik rond in salopet, met hippiehaar en zonder make-up. Ik was toen zeventien en was nog onzeker om vormen te tonen. Ik denk nog na over die dingen, ja. Dat ik een pruik draag op de hoes is daar een voorbeeld van.

Dient het ook niet om een karakter te creëren dat losstaat van je eigen persoon?

Ik creëer graag personages. Vorig jaar, samen met Spinvis, voelde ik me niet zeker genoeg en voelde ik me soms naakt op het podium. Ik had het gevoel dat er iets ontbrak. Geike is een personage, maar ze is ook mij, en zoals David Lynch in Mulholland Drive maak ik daar graag gebruik van om verwarring te scheppen.

Gaat 107 Windows over je periode met Hooverphonic?

Het gaat erover dat je beslissingen in twijfel trekt. Ik wilde het gevoel uitdrukken dat je plots aan de verkeerde kant van je besluit komt te staan. Dat is waar het hele album over gaat. Voor sommige nummers is Doris Lessing een inspiratie geweest. Zij had het gevoel dat ze met het communisme iets fouts had verdedigd, ook al is het een mooi ideaal. Over dat soort verwarring gaat deze plaat.

Heb je persoonlijk zo’n ervaring meegemaakt?

Misschien het moment waarop mijn katholiek geloof werd doorprikt. Ik ben katholiek opgevoed maar was toen al lang niet meer gelovig op die manier. Ik dacht altijd: "Er zal wel iets zijn maar daar houd ik me later wel mee bezig…" Er was in Brussel de tentoonstelling "God(en), een handleiding" waar ik per toeval in beland ben. Eerst werden foto’s getoond van Elvis en andere vormen van religie. 

Toen Jean Paul Van Bendegem in een filmpje het bestaan van het hiernamaals verwierp, maakte mij dat zenuwachtig. Ook toen de rest van de tentoonstelling de mooie kanten van het geloof toonde, zoals het spirituele en de gezangen, zag ik plots de machine achter alles. Ik ben bijna huilend buitengekomen.

Vind je muziek spiritueel?

Absoluut. Sinds erg lang is het mijn manier van communiceren en ik ben blij dat ik me daarmee bezig kan houden. Als er dan al een ziel zou bestaan, dan zal die zich bevinden in hetgeen we achterlaten en in hetgeen we doorgeven.

In dit geval een mooie cd. Waarvoor dank.

November 7, 2011
Kristof Van Landschoot