Enter Shikari - België is een interessant land

De dagen dat Enter Shikari kleine zaaltjes op stelten zette zijn voorbij. Het is in de grote backstage van Vorst Nationaal dat we op gitarist Rory Clelow en drummer Rob Rolfe wachten. Op de achtergrond horen we een veelbelovende soundcheck en met de grootste nieuwsgierigheid van de wereld vuren we onze vragen af op twee gewillige slachtoffers.





Jullie zijn nu al enkele weken op stap met The Prodigy. Hoe bevalt de tour tot nu toe?

Rory Clelow (gitaar): Super! The Prodigy zijn onze absolute helden en het is fantastisch om hen iedere avond aan het werk te kunnen zien. We're living the dream!

Rob Rolfe (drum): Ja, tot nu toe was het al fantastisch. Het is een hele eer om onze naam op die tourposters te zien. (grijnst)



Zijn The Prodigy op muzikaal gebied een groot voorbeeld voor jullie?

Rolfe: Absoluut. Alle vier zijn we grote fans van hun muziek. En ik denk dat je dat ook kan horen in onze eigen muziek.

Clelow: Inderdaad. Ze zijn als band onze absolute helden: die mannen zijn al jaren bezig en staan nog steeds zo energiek als een bende tieners rond te springen op het podium. Ik denk dat wij ons erg gelukkig mogen prijzen als wij over 10 jaar zo ver staan als zij.



Toch horen we in jullie muziek ook veel hardcore terugkomen, vooral wat betreft de gitaar en de vocals. Zouden jullie dan niet liever touren met een hardcoreband als Madball?

Rolfe: Nee, (grijnst) een tour met The Prodigy is altijd al mijn - onze - grote droom geweest. Dat zou ik voor geen geld van de wereld willen missen.

Clelow: Ik voel mij net een klein kind met Kerstmis tijdens deze tour en ik kan het nog altijd niet geloven! Ik denk niet dat er ook maar één andere band is waar we liever mee zouden touren dan met The Prodigy.

Rolfe: Misschien Rage Against The Machine.



In het verleden stonden jullie bekend om jullie chaotische shows in kleine zaaltjes, waarbij het publiek nauw betrokken was. Maar sinds enkele maanden hebben jullie een upgrade gekregen naar de grote concerthallen en festivals. Hebben jullie het gevoel dat die intimiteit met fans waarom jullie zo bekend staan voor een deel verloren gaat?


Clelow: Zo heb ik er eigenlijk nog nooit over nagedacht...

Rolfe: Het heeft beiden zijn charmes. Tijdens deze tour spelen we uitsluitend in grote concerthallen en persoonlijk vind ik het fantastisch om zo'n reusachtig publiek uit zijn dak te zien gaan. Je hebt vaak van die mensen die compleet door het lint gaan, gewoon omdat ze mij of één van de andere bandleden op het podium onnozel zien doen. Geweldig!



En als men jullie voor de keuze zou stellen, wat zou je dan kiezen: grote hal of klein zaaltje?

Clelow:
(zucht) Al die keuzes! Ik zou het eerlijk gezegd niet weten. Maar ik moet wel toegeven dat mijn mooiste concertherinnering een festival betrof. Deze zomer speelden we een set op het Readingfestival in Engeland. Tijdens het laatste nummer, Juggernauts, hadden we het publiek opgeroepen om massaal te crowdsurfen. We hadden het niet verwacht, maar nog geen tien seconden later kwam er een reusachtige golf mensen naar voren gesurfd! De security is gedurende het hele nummer bezig geweest met al die honderden mensen op te vangen en te begeleiden. Dat was een prachtig moment.

Rolfe: Ja, Reading was inderdaad een geweldige set. Ik weet nog dat ik tijdens dat laatste nummer niet kon ophouden met glimlachen. Je kan het herbekijken op YouTube. Zeker doen! (lacht)



Op jullie tweede en meest recente cd, 'Common Dreads', horen we heel wat meer elektro- en drum & bassinvloeden dan op 'Take To The Skies'. Was dat een bewuste keuze en waarom?

Clelow: Het was niet bepaald een bewuste keuze. Het is gewoon allemaal in die richting geëvolueerd. In Londen, waar wij alle vier wonen, is er een heuse drum & basshype in gang gezet. Wij zijn allemaal al sinds jaar en dag grote fan van die muziek en ik denk dat dit een logisch gevolg was van onze muzikale ontwikkeling als band.

Rolfe: Het nieuwe album is inderdaad totaal anders dan 'Take To The Skies'. Rou (Roughton "Rou" Reynolds - zang en elektronica, nvdr) is opmerkelijk gegroeid wat betreft zijn vocals. Waar het vroeger voornamelijk gescream was, blinkt hij nu ook uit in melodische zang. Daar hebben we dan ook gebruik van gemaakt.



Maar jullie publiek was van meet af aan erg verdeeld: zij die de hardcore in jullie muziek apprecieerden en zij die vooral luisterden vanwege de drum & bass. Denken jullie dat jullie door het gretige gebruik van elektro op het nieuwe album misschien een deel van jullie fans zijn verloren?


Clelow: Ach, er zullen altijd die mensen zijn die lopen te zeuren omdat een band bekend wordt en zogenaamde "sellouts" worden. Maar daar trekken wij ons niet veel van aan.

Rolfe: Ik denk dat de mensen die enkel en alleen omwille van de hardcore naar onze muziek luisterden sowieso in de minderheid waren. Als zij 'Common Dreads' niet kunnen appreciëren, dan is dat jammer voor hen. Maar ik ben ervan overtuigd dat we met dat album ook heel wat nieuwe fans hebben gekregen.



Toen jullie met Enter Shikari begonnen en die bizarre combinatie van elektro en hardcore bedachten, hadden jullie er op dat moment enig idee van wat voor succes dit zou opleveren?

Rolfe: Nee, totaal niet. We waren een bende jonge, onbezonnen tieners die gewoon deden waar ze zin in hadden.

Clelow: Het was vooral onze weerbarstigheid die voor die vreemde en eclectische combinatie heeft gezorgd. (grijnst) Maar op het moment dat onze shows steeds vaker uitverkocht raakten, daagde het wel. We hadden iets unieks gecreëerd en het is nog populair ook!



Je zou kunnen zeggen dat jullie heel wat mensen meer openminded hebben gemaakt wat betreft muziek.

Clelow:
Dat denk ik ook. De metalfans krijgen een staaltje drum & bass voorgeschoteld terwijl de elektrofans worden geïnitieerd in de wereld van hardcore.

Rolfe: Je zou versteld staan van de verschillende genres waar één persoon naar luistert!



Intussen zijn enkelen van jullie ook bezig met zijprojecten. Kunnen jullie daar iets meer over vertellen?

Rolfe: Zijprojecten is een groot woord. (lacht) Rou en ik zijn de laatste tijd meer en meer bezig met dj'en. Zo nu en dan draaien we eens op een feestje van een vriend of in een club. Maar echt serieus is het niet.



Eén nummer op 'Common Dreads' heeft de titel Antwerpen. Daar willen wij uiteraard meer over weten.


Rolfe: Dat nummer gaat over de geschiedenis van de stad Antwerpen. Eén van de laatste keren dat wij in België waren, besloten we een bezoekje te brengen aan Antwerpen. Onderweg in de taxi begon onze chauffeur het verhaal van die reus, Antigoon, te vertellen. Rou vond het zo'n interessant verhaal dat hij het hele gesprek met die chauffeur heeft opgenomen met zijn telefoon. Later kwam er een songtekst en bijgevolg ook een nummer van.

Clelow: Die legende is zo fascinerend. België is een interessant land. Vandaar de verwijzingen naar de Schelde, Antigoon met zijn afgehakte hand en Silvius Brabo. Het hele verhaal paste ook perfect bij het thema van 'Common Dreads'. We proberen de aandacht te vestigen op de angsten die op dit moment leven bij de mensen: de opwarming van de aarde, het kapitalisme enzovoort. De legende van de reus van Antwerpen was een mooie illustratie van dat thema. We proberen de mensen te laten inzien dat het tijd wordt dat iedereen zich verenigt en verzet tegen die grote problemen. Vandaar ook dat in het openingsnummer van het album "We must unite" in verschillende talen klinkt.



Bedankt voor het gesprek en veel plezier op het podium straks!

Rolfe:
Geen probleem. Geniet van de show!

Enter Shikari speelt op 28 januari in Trix.

10 januari 2010