Caspar Auwerkerken - Ik hoop dat mijn muziek het leven durft te bevestigen met al zijn moeilijkheden

Ik hoop dat mijn muziek het leven durft te bevestigen met al zijn moeilijkheden

Vandaag (6 maart) verschijnt het debuutalbum van Caspar Auwerkerken 'Figuring Out My Horizons'. De plaat toont niet alleen zijn muzikale veelzijdigheid, maar ook de zoektocht naar authenticiteit en innerlijke rust. Geproduceerd door Bert Vliegen, ademt het werk een filmische indie-folkstijl die zowel intiem als meeslepend is. Zijn stem wordt omlijst door dromerige arrangementen en minimalistische soundscapes. De luisteraar krijgt zorgvuldig opgebouwde, melancholische songs die subtiel losbarsten naar het einde toe. Inspiratie vond hij bij Nietzsche en Thoreau, maar ook in de natuur die zijn schrijversplek vormt. Op de plaat hoor je persoonlijke reflecties over angst en zelfontwikkeling tot het samensmelten van ideeën met de band. Het resultaat is een album dat kwetsbaar en krachtig is en dat de luisteraar uitnodigt om de eigen horizon te verkennen.

Je debuutalbum heet 'Figuring Out My Horizons'. Waarom koos je voor die titel?

Caspar Auwerkerken: De titel is eigenlijk een regel uit het nummer The Pond. Voor mij vat die lijn de thematiek van het album samen: het draait enerzijds om existentiële vragen, over wie ik ben als jongvolwassene in deze wereld en anderzijds heel concreet over hoe ik me beweeg in een wereld die steeds duidelijkere tekenen van drastische klimaatverandering vertoont. Het gaat over omgaan met een dynamiek die we tot nu toe nog nooit hebben ervaren. Dat gevoel van navigeren door een veranderende wereld speelt voor mij een centrale rol op het album.

Het is je debuutalbum. Hoe voelde het voor jou om eindelijk je volledige visie op één plaat te kunnen vastleggen?

Het was een heel ander proces deze keer. In 2023 had ik al een ep uitgebracht, maar toen was het meer spontaan. Ik had al jarenlang nummers gemaakt, maar ik had nog geen duidelijk idee wat ik ermee wilde doen. Die ep kwam er eigenlijk een beetje toevallig. Voor dit album ben ik echt van nul begonnen, hetgeen een totaal nieuw startpunt gaf en een heel andere invalshoek bood. Het voelde ontzettend leuk om volledig te maken wat ik zelf wilde en daar ben ik heel blij mee.

Veel van je nummers zijn thematisch verbonden met natuur en filosofie. Welke rol speelt het bos bijvoorbeeld, wanneer je in je creatieve proces zit?

Veel nummers heb ik geschreven in de context van een bos. Bij mij in de buurt staat een kapel midden in het bos, waar een kluizenaar woont, maar de kapel zelf is openbaar. Daar heb ik heel wat nummers geschreven. Die omgeving was niet alleen letterlijk inspirerend, maar de natuurlijke wereld voelt voor mij ook als een referentiepunt, iets waaraan ik de kwaliteit van een nummer kan toetsen. Als een nummer voelt als het verlengde van die omgeving, weet ik dat het geslaagd is. Er zijn ook veel nummers die dat gevoel niet hebben gekregen en het album daarom niet haalden. In die zin is die inspiratie enorm. De bosrijke omgeving zit met andere woorden diep verweven in het album.

Je noemt Nietzsche, Rimbaud, Thoreau als inspiratiebronnen. Hoe beïnvloeden zij de manier waarop je teksten schrijft?

Bij Thoreau is de referentie heel duidelijk: zijn boek 'Walden', over een verblijf aan Walden Pond, was de inspiratie voor The Pond. Bij andere schrijvers of denkers is de link misschien minder direct, maar ik heb altijd een liefde gehad voor woorden en voor de manier waarop je gevoelens en de wereld extra betekenis kunt geven door ze op een zorgvuldige, soms hermetische manier te verwoorden. Die benadering heeft zeker invloed gehad, maar bij Thoreau is de inspiratie het meest rechtstreeks en duidelijk.

Thema's als klimaatverandering en materialisme vinden vlot de weg naar je nummers. Hoe komen die onderwerpen in je muzikale verhalen terecht?

Voor mij zit dat thema, de relatie tussen mens en omgeving, sterk verweven in 'Figuring Out My Horizons'. Ik probeer me bewust te zijn van mijn omgeving, niet alleen in mijn muziek, maar ook in het dagelijks leven. Filosofisch gezien interesseert me die relatie enorm, juist omdat ze zo makkelijk genegeerd wordt. Politiek zie je dat ook steeds terug, tot mijn grote frustratie. Die ergernis komt zeker in het album terug. Tegelijkertijd is er de constructieve kant: het gevoel van verbondenheid met je omgeving waaruit de nummers ontstaan. Ik ben heel bewust bezig met de omgeving. Er zit een soort ambiguïteit in: enerzijds de frustratie die veel mensen voelen, anderzijds het bijna romantische idee van de natuur als spiegel voor je emoties en als referentiekader voor wat je wil maken.

Je omschrijft je songs als een soort zoektocht naar innerlijke rust. Hoe heeft muziek je geholpen om de strijd aan te gaan met gevoelens als angst of andere persoonlijke uitdagingen?

Voor mij is het simpelweg de taak om iets creatiefs te maken. In mijn geval is dat een nummer, omdat muziek het medium is waarin ik mezelf het beste kan uitdrukken. Elke creatieve daad is eigenlijk per definitie constructief. Voor mij is zoiets ook een vorm van verzet tegen destructieve emoties zoals angst. Het schrijven van nummers voelt daarom als een actief verzet tegen negativiteit en tegelijk als een bevestiging van constructiviteit. Op die manier is het werk voor mij niet zozeer therapeutisch, maar een manier om iets op te bouwen.

Een rode draad door je werk is zeker authenticiteit. Wat betekent dat woord voor je, zowel in je leven als in de muziek?

Wat dat woord precies betekent, kan door de tijd veranderen. Toen ik dit album maakte, was ik zesentwintig en nog op weg naar volwassenheid. Authenticiteit betekende toen iets anders dan nu. Ik denk dat het vooral te maken heeft met de veranderlijkheid van je eigen persoonlijkheid: authentiek zijn betekent vasthouden aan wie je bent, ook terwijl je groeit en verandert. Het gaat erom trouw te blijven aan jezelf, juist in die constante beweging en ontwikkeling.

Je nam de nummers live op in één ruimte. Wat is het grootste voordeel van deze manier van werken voor jou als artiest en als songwriter?

Dat is een leuke vraag (lacht). Voor deze opnames hebben we bewust gekozen voor een andere aanpak dan bij de ep. Toen nam ik alles laag per laag op. Nu wilde ik het gevoel van de band en de spontaniteit van een live-uitvoering vangen op het album. Mijn band - Xavier Declercq op bas, Arno De Bock aan de drums en Mauro Bentein op gitaar - speelde een grote rol in het arrangeren van de nummers. Nadat ik eerst een basisversie had geschreven, hebben we de nummers samen verder uitgewerkt. Dat voelde helemaal logisch om ze zo ook in de studio vast te leggen. Het sloot bovendien perfect aan bij hoe producent Bert Vliegen, bekend van onder meer Sophia en Teen Creeps, graag werkt en bij de visie die ik voor het album had.

Je geluid wordt opschreven als een soort van melancholische indie-folk met een cinematografische touch. Hoe zie jij dat zelf?

Ik vind het heel moeilijk om iets over mijn eigen muziek te zeggen, ik denk dat die gewoon een soort verlengde is van mijn persoonlijkheid. Bij een eerste beluistering is het misschien niet de meest vrolijke muziek aller tijden, maar toch hoop ik dat er een bepaalde rust in zit. Iets wat mensen in zekere zin kan laten ontspannen. Tegelijkertijd hoop ik ook dat mijn muziek het leven durft te bevestigen met al zijn moeilijkheden. Genregewijs is het voor mij ook lastig om te duiden. Ik luister naar veel verschillende dingen: van klassieke songwriters tot ambient muziek en zelfs jazzalbums. Mijn invloeden zijn dus heel breed. Als ik het moet samenvatten, denk ik dat "singer-songwriter" in de brede zin van het woord de lading wel een beetje dekt. Als ik mezelf dan toch moet categoriseren, zou ik het als ontspannend omschrijven.

Wat hoop jij dat de luisteraars na het beluisteren van jouw plaat ervaren of meenemen?

Ik zou het tof vinden, als mensen die connectie met de omgeving kunnen voelen die ik zelf ervaren heb tijdens het maken van de nummers. Dat ze zich op een soortgelijke manier verbonden kunnen voelen met hun omgeving, waar ze die muziek ook maar beluisteren. Dat het een gevoel van eenheid teweegbrengt tussen de mens en de omgeving, met muziek als een overkoepelende, samenbindende kracht. Dat zou echt fijn zijn. En dat ze er gewoon van genieten, dat is het allerbelangrijkste. Ik hoop ook dat mijn muziek in geen enkel opzicht moraliserend overkomt. Dat is absoluut niet mijn bedoeling. Integendeel, ik wil gewoon dat mensen ervan kunnen genieten en dat ze er op hun eigen manier iets uithalen wat voor hen van waarde is.

Caspar Auwerkerken stelt het album voor op 31 maart in Het Depot en op 2 april in Club AFF.

Foto: Lucinda Wahlen

6 maart 2026
Steven Verhamme