Tien jaar Arcade Fire ‘Neon Bible’

RE:introducing
Tien jaar Arcade Fire ‘Neon Bible’

Er was nogal wat te doen rond de nieuwe plaat van Arcade Fire. Voor onze (jv) was het meteen duidelijk dat ook dit een goede plaat is, maar niet iedereen was het daarmee eens. Tien jaar geleden was hij even enthousiast over ‘Neon Bible’. En intussen is de Canadese band al een heel eind gekomen.

Het in relatief korte tijd erg groot geworden Arcade Fire oogstte reeds heel wat lof bij critici en muzikale fijnproevers, na de (uitgestelde) Europese release van hun barokke debuut ‘Funeral’ en de euforische optredens die daarop volgden. Velen keken dan ook met spanning en terecht hoge verwachtingen de opvolger ‘Neon Bible’ - grotendeels opgenomen in een pittoresk kerkje even buiten thuishaven Montréal - tegemoet, en laat ons maar meteen iedereen geruststellen: de Canadese indierockband bevestigt zijn reputatie en levert opnieuw een overweldigend album af.

Eindelijk nog eens een schijfje zonder echte tegenvallers in onze cd-lader kunnen schuiven, het geeft een bijzonder goed gevoel. Dat was onze indruk na de eerste beluistering van ‘Neon Bible’, en in dit geval zal onze eerste indruk ons niet licht bedriegen me dunkt. Het album bulkt namelijk van de knappe, naar goede gewoonte van een sterk ontwikkeld gevoel voor theatraliteit stijfstaande tracks vol angst en dreiging die je vroeg of laat ongetwijfeld bij het nekvel zullen grijpen en daarna nooit meer loslaten.

 Eerste in de rij is het donkere, onheilspellende en al meteen behoorlijk intense Black Mirror, dat rustig begint maar daarna naar een climax opbouwt (een procédé dat bij de muziek van het zevenkoppige collectief wel vaker toegepast wordt). Dan volgt de uptempo, melodieuze tweede single Keep The Car Running. In het verstilde, gedragen titelnummer is naast de mooie, gepassioneerde zang van frontman Win Butler voor het eerst op deze plaat ook die van echtgenote Régine Chassagne te horen. Een volgend hoogtepunt is de meeslepende, zwaar aangezette eerste single uit het album; het prachtige, met overvloedige pijporgelklanken opgesmukte Intervention dat ook al aanzwelt tot een luide, bombastische finale.

En dan komt wellicht de meest opmerkelijke track op ‘Neon Bible’: Black Wave/Bad Vibrations, een soort mini-symfonie opgesplitst in twee duidelijk onderscheiden delen. Het eerste deel, met zang van Chassagne, klinkt relatief poppy en luchtig. In het tweede deel horen we vooral Butler zingen en daarmee keert ook de hen zo typerende dramatiek terug in de song. Butlers stem heeft trouwens iets onontkoombaars en bijna religieus in zich, en doet soms een beetje denken aan David Eugene Edwards (16 Horsepower, Woven Hand). Ocean Of Noise vangt vrij rustig aan, naar het einde toe wordt het wat energetischer qua instrumentatie. The Well And The Lighthouse en Building Downtown(Antichrist Television Blues) zijn twee opzwepende, gejaagde nummers.

Het knappe Windowsill heeft een kalme intro om naderhand te intensifiëren. De herwerking van No Cars Go (oorspronkelijk verschenen op de eerste e.p. van het gezelschap, uit 2003), met postpunk-achtige drums en catchy samenzang van het kernduo, is zeker ook een absolute voltreffer. Alweer krijgen we een bombastisch slot, inclusief een Hongaars symfonieorkest. De hoofdrol in de pathetische afsluiter My Body Is A Cage is dan weer weggelegd voor het dreinende kerkorgel.

Een recensie waarin alle elf tracks besproken worden, het is niet onze gewoonte. Het maakt echter wel duidelijk dat we hier te maken hebben met een bescheiden meesterwerkje, want de tweede langspeler van Arcade Fire solliciteert nu reeds overtuigend naar een fel begeerde plaats in ons jaarlijstje van 2007.


27 augustus 2017
Jan Vael