Patrick Roefflaer: ‘Bob Dylan in de Studio’

Achtergrond

U heeft het misschien al gezien: in de betere en zelfs in de "gewone" boekhandel ligt Bob Dylan u te beloeren. 'Bob Dylan in de Studio' heet dit boek, Dylanmaniak Patrick Roefflaer schreef het en wij lazen het met veel plezier. Dit atypische Dylanverhaal focust zich namelijk voornamelijk op de songs, de opnames, de muzikanten en de werkwijze van het genie, en dat is eigenlijk alles wat we willen weten.





Hoeveel Dylanbiografieën er door de jaren verschenen zijn durven we niet eens te schatten. Behalve het eerste deel van Dylans eigenzinnige autobiografie 'Chronicles' vinden we die maar matig interessant omdat de focus nogal eens in de 'Dag Allemaal'-sfeer ligt. Wie wipte met wie en wie dronk wat of snoof hoeveel, dat soort dingen. Interessant als het een goeie song oplevert, maar anders kan het ons weinig schelen.

Nu is Patrick Roefflaer niet de eerste of de enige die de opnames van Dylans platen als leidraad en onderwerp van het verhaal gebruikt, maar de vijf pagina's beslaande bibliografie geeft wel aan dat hij zich grondig en uitgebreid gedocumenteerd heeft. Gelukkig is de selectie uit al die documentatie grondig uitgepuurd en blijft het relevantste en interessantste over. Vooral de selectie uit interviews met producers, technici en muzikanten geven een interessant inzicht in Dylans werkwijze. En daar zit - geloof het of niet - toch blijkbaar een lijn in: de zoektocht naar frisheid en puurheid en soms geniale maar dwarse invallen. Helaas is er ook de lijn van: snel verveeld zijn en alles weggooien, laten vallen, niet meer zien zitten, en soms met de moed der wanhoop helemaal anders herbeginnen.

Het is soms bijna aandoenlijk. Iemand met enige ervaring in de muziekwereld kan zich zo een beeld vormen van hoe Dylan in de studio is. Roefflaer is ook voorzichtig, waar nodig. Frequent lezen we dat iemand iets "beweert" of dat er iets "schijnt" - een goeie verstaander heeft maar een half woord nodig. Gek ook, hoe vlot de stukken lezen over de platen waarvan de opnames vlot verliepen, en hoe we soms zelf worstelden met de stukken over de platen die moeilijk tot stand kwamen. Roefflaer besteedt ook aandacht aan obscure gevallen als 'Hearts of Fire', maar het verwonderde ons wel dat 'MTV Unplugged' heb boek niet haalde, terwijl dat mits enige goeie wil toch als een live-in-de-studio-plaat kan gezien worden. Aangezien de schrijver blijkbaar ook een aardige collectie bootlegs beluisterd heeft, weet hij wellicht dat er nogal wat moois naast de plaat gevallen is.

Roefflaer heeft wellicht de live-platen bewust links laten liggen - "live" is nu eenmaal niet "in de studio". Misschien is het een idee voor een volgend boek: 'Bob Dylan op Tournee'. De verschillende - en vaak wisselende - tourbands van Dylan komen in dit boek nauwelijks of slechts zijdelings ter sprake aangezien Dylan zelden muzikanten uit zijn tourband meenam naar de studio. Wat ons eerst ook verwonderde is dat Dylans gebruik van allerhande substanties nauwelijks wordt aangeraakt, maar na lectuur van het boek beginnen we te vermoeden dat dat misschien minder weerslag op de platen gehad heeft dan we dachten.

Als Patrick Roefflaer ooit tot het schrijven van dat tweede boek zou komen, zouden we hem wel aanraden een iets geïnspireerder lay-outer te zoeken - vooral voor de kaft - en een iets nauwgezetter corrector. In het boek zelf staat geen enkel fotootje, zelfs geen enkele foto van een platenhoes. Begrijp ons niet verkeerd, wij juichen het toe dat het boek geconcentreerd is op de inhoud en niet op een aantal veelkleurige fotootjes, maar de (soms volslagen ridicule) "kunst" van die platenhoezen wordt ook nauwelijks besproken. Dylan heeft er vermoedelijk zelf nauwelijks de hand in, maar het zou misschien een fijne toevoeging zijn, zowel inhoudelijk als visueel. Nuja, misschien had Roefflaer Dylansgewijze ook niet zoveel interesse meer in het afgewerkte product, nadat de inhoud op punt stond. Het zou ons niks verbazen.

'Bob Dylan in de Studio' werd uitgegeven bij EPO

28 februari 2011
Stefaan Van Slycken