Britannia Ruled The Waves: de nineties

Flashback

Op vrijdag 29 maart nemen we afscheid van Groot-Brittannië. Thank You For The Music zong ABBA in 1977, al waren dat wel Zweden natuurlijk. Dat is wat wij nog een laatste keer willen doen: de Britten bedanken voor de  fantastische, tijdloze en vaak innoverende muziek die ze gemaakt hebben. Elke vrijdag van maart kijken we terug op de recente geschiedenis van een muzikale grootmacht.

 

 

Deel 3: 1990-1999

Thank You For: Blur vs. Oasis

Blur en Oasis waren tijdens de hoogdagen van de Britpop de grootste bands aan de andere kant van het kanaal. Muzikaal was het eigenlijk een beetje Stones vs. Beatles in de jaren negentig. Oasis maakte zorgeloze rockmuziek die tekstueel nergens over ging. Blur gaf een cynische kijk op het Britse eiland met een poprocksausje. Er was dus absoluut geen reden om ze tegen elkaar uit te spelen.

Maar de Britse tabloids leven natuurlijk van vetes en de bands zelf deden maar al te graag mee. De Gallagher-broertjes kwamen uit een "working class"-gezin dat in Manchester woonde, terwijl Damon Albarn en zijn maten het predicaat Londense "upper class" opgespeld kregen.

Het hoogtepunt van de vete kwam er in augustus 1995. Blur bracht Country House uit, Oasis Roll With It. De band, die de nummer-één-plaats zou binnenhalen, kon zich tot de koning van de britpop kronen. Albarn en co. gingen uiteindelijk aan de haal met de bovenste plek. In 2014 liet Albarn verstaan dat de hele hetze buitenproportioneel was en dat beide nummers “shit” waren.

Funfact: Tijdens de uitreiking van de Brit Awards in 1996 kreeg Oasis de prijs voor beste band ten koste van Blur. Liam en Noel namen de prijs in ontvangst en brachten hun interpretatie van de Blur-hit Parklife, getiteld Shite-life.

Thank You For: Jarvis Cocker

Naast Blur en Oasis waren er nog een hoop andere Britpop-bands, de één al beter dan de ander. Respectabele derde in de rangschikking is, wat ons betreft, Pulp, en die plek hebben ze onder meer te danken aan de flamboyante frontman Jarvis Cocker.

Cocker is het archetype van de Britse slungel: groot, tenger, bleek, een gigantische bril en vrij cynisch. Maar vergis je niet: de teksten van de man behoren tot het beste wat er in de jaren negentig geschreven is. Denk maar aan Common People, waarin hij lacht met de "upper class" die zich vereenzelvigt met de "gewone man".

Funfact: Jarvis werd ook aan de andere kant van de grote plas wereldberoemd. Tijdens de eerder vermelde Brit Awards van 1996 stal Cocker de show, terwijl Michael Jackson Earth Song bracht. De frontman liep het podium op en probeerde zo de performance te saboteren. Cocker liet na de stunt het volgende horen: "I was just sat there and watching it and feeling a bit ill, 'cause he's there doing his Jesus act."

Thank You For: triphop

Er werd in de jaren negentig ook een hoop geëxperimenteerd in Groot-Brittannië. Voorbeeld bij uitstek is het triphopgenre. Filmische, elektronische muziek die bijzonder veel beroep doet op creatieve samples.  

Twee van de vaandeldragers van de triphopscene zijn Massive Attack en Portishead, beide afkomstig uit het West-Engelse stadje Bristol. De onderhuidse spanning, die zo kenmerkend is voor het genre, kan je perfect horen in nummers als Angel, Dissolveld Girl en Glory Box, niet toevallig songs van op ‘Mezzanine’ en ‘Dummy’.

Voor Massive Attack werd ‘Mezzanine’ het creatieve hoogtepunt, Portishead werd na verloop van tijd enkel beter. De jazzy lounge aspecten, die nog te horen waren op het debuut, maakten plaats voor kille, angstige en van vervreemding doordrongen songs op opvolgers ‘Portishead’ en ‘Third’.  

Funfact: Voor de release van ‘Dummy’ bracht Portishead een zelfgemaakte kortfilm uit, die ze ook zelf van muziek hadden voorzien. ‘To Kill A Dead Man’ is een zwart-wit spionagefilm die perfect past bij de sfeer van het triphopgenre.

Thank You For: Bitter Sweet Symphony

Eén van de absolute anthems uit de jaren negentig is deze evergreen van The Verve. Ondanks mistroostige teksten als: “You're a slave to the money, then you die” is het een meezinger van formaat.

Het wereldwijde succes bracht de band ook in nauwe schoentjes. De kenmerkende strijkerssectie werd namelijk geleend van een orkestrale versie van The Last Time van de Stones. De sample werd destijds gebruikt met goedkeuring van het beherende label Decca Records. Maar zoals dat gaat met succes, kwamen er al snel andere "eigenaars"  hun deel van de koek opeisen.

Funfact: Voor de videoclip van het nummer werd de mosterd gehaald bij Unfinished Sympathy van Massive Attack. De clip zag u als kind misschien al vaak genoeg, daarom laten wij u nog even genieten van deze magistrale uitvoering op Glastonbury 2008.  

Foto: Dean Chalkley/NME

1 april 2019
Nick Van Honste