Boekbespreking: 'Kaz Lux: Rock-adel verplicht' (Lutgard Mutsaerts)

Wiki

In tijden waarin elke kwistenbiebel eender wat op internet kan spuien en dit voor waarheid laten doorgaan, is het lovenswaardig dat er nog uitgeverijen zijn die middelen inzetten voor doorwrochte biografieën. Lutgard Mutsaerts is ook niet aan haar proefstuk toe en uitgeverij In De Knipscheer lijkt in het aanbod te mikken op de nostalgische muziekliefhebber met een voorliefde voor de muziekscene boven de Moerdijk.  

Misschien wringt daar voor de gemiddelde Belgische rockfan wel het schoentje; hoewel Kaz Lux een goede jarenzeventigrockstem heeft en er hier en daar fijn gemusiceerd wordt op zijn platen, heeft zijn muziek hier nauwelijks bekendheid gekregen. Terwijl de naam van zijn oude compagnon Jan Akkerman onder gitaristen en bij rockliefhebbers nog wel een belletje doet rinkelen, vinden we na een steekproef ter provincie nauwelijks iemand die Down Man herkent; een beetje onterecht en jammer misschien. De nogal knullige titel van het boek doet ook niet meteen nieuwsgierigheidsvraagtekens in de ogen springen.



De - vermoedelijk semi-geauthoriseerde - biografie nodigt alleszins uit tot een nadere kennismaking met dit icoon, al lijkt ze vooral een antwoord te willen zoeken op de vraag: "Waarom is het niet meer geworden?" Hoewel er eerlijk gesproken wordt over drank- en drugsmisbruik, blijven sappige anekdotes helaas ook achterwege. En als we heel eerlijk zijn, hopen we toch altijd op een paar zwijnenstreken die ons hardop aan het lachen brengen. Lux lijkt eerder een jongen die goede muziek wil spelen en verder 's avonds rustig thuis wil gaan zitten in plaats van de aap uit te hangen. Wellicht de beste keuze als je als muzikant je pensioen wil halen, maar erg succulent leesvoer levert het niet op.



Het rare is dat het eerste hoofdstuk, de familiegeschiedenis van de familie Luks, ons nog het meest kon boeien. Normaal bladeren we de stamboom in biografieën diagonaal door, omdat het ons eigenlijk zelden interesseert wat de grootvader en de achternonkel van deze of gene artiest uitvraten. Het verhaal van soldaat Luks en vooral de Poolse generaal Maczek, u misschien bekend van één of ander park of straat, deed ons enige tijd vergeten dat we een rockbiografie aan het lezen waren. De bondige en ad rem vertelstijl van Mutsaerts doet hier zijn werk.



Verderop lijkt het boek soms een naslagwerk te worden; Mutsaerts consulteerde heel wat obscure bronnen maar een tourlijst of een recensie uit een zeer lokale krant voegen niet zo heel veel toe aan het verhaal, al zullen het toch misschien de die-hard-fans zijn die dit boek kopen en van deze details snoepen. Ook het rijk bijgevoegde fotomateriaal doet nogal provinciaal aan met podia van kleine café's, één amateurfoto van een optreden in Paradiso en scans van affiches van optredens gesponsord door All Air Autovakanties. We mogen evenwel niet vergeten dat het dankzij mensen als Lux is dat de Nederlandse - en bij uitbreiding misschien de Vlaamse - rock de kinderschoenen ontstegen is in de jaren zeventig.



De bijgevoegde cd voegt voor de verlekkerde fan wellicht nog wat toe: vier onuitgebrachte opnames met onze eigenste Jean-Marie Aerts. Misschien moeten we deze tracks liefdevol als "tijdsdocumenten" bestempelen. Een "Best Of"-cd bijvoegen ware misschien een betere zet geweest. Dan was dit boek wellicht ook voor nieuwsgierige zuiderburen iets meer een openbaring geweest dan een verhaal van net niet.

3 januari 2018
Stefaan Van Slycken