Afscheid van Thé

Achtergrond
Afscheid van Thé

Het kwam aan als een mokerslag, ook al wist je dat het stond te gebeuren. En dan moet je dat verwerken. Enkele van onze redacteurs deden dat zo:



Er zijn artiesten die meereizen in je leven. Thé Lau was er zo één. Veel van zijn songs zijn onherroepelijk gelinkt aan bijzondere momenten of mensen in mijn leven. Dat zal begonnen zijn met  Rij Rij Rij, waarschijnlijk het simpelste nummer dat The Scene ooit uitbracht, maar er was iets in de stem en de melodie dat me meteen raakte. Met mijn grote liefde van toen, rondtoerend in een oud Dafke, werd het al gauw ons favoriete on-the-road-nummer. Maar vooral, het smaakte naar meer.

En dat meer kwam er; en hoe, ‘Blauw’ kwam uit in 1990 en was een plaat zoals er maar weinig gemaakt zijn; met tien klassenummers,. Rigoureus, Blauw, Iedereen Is Van De Wereld, Geloof zijn nummers die deel uit zijn gaan maken van het collectieve geheugen. Het waren niet alleen de beste teksten ooit in het Nederlands geschreven, maar er was ook die opwindende sound en vooral de passie die doorklonk in elke noot. “Rauw, hees, teder / zing ik het lied / Rauw, hees, teder / anders kan ik niet”, klinkt het in het gelijknamige lied en dat is zo gebleven bij Thé Lau.

Bovendien veroverde hij in één klap alle vrouwenharten, ook het mijne, met de regels: “Ik heb vannacht gekeken en beleefd / hoe geen vrouw ooit terugkrijgt wat ze geeft”. ‘Blauw’ zorgt nog steeds voor warme heimwee naar een periode, waarin alle grote emoties voor het eerst passeerden maar ook naar legendarische optredens, waar The Scene de sterren van de hemel speelde en alles nog leek te moeten beginnen.

En later was er Open, Liefde en Maan, over de liefde en de vriendschap, waarin hij telkens wist te vatten wat je zelf niet kon verwoorden. Een van mijn mooiste concerten ooit was eind jaren negentig, Thé Lau trad solo op, samen met toetsenist Dante Oei. In de toenmalige Cactusclubkelder zat ik op niet meer dan twee meter afstand van hem en leek hij alleen voor mij te zingen. Hij bracht toen een versie van Rivier, die door merg en been ging.

Begin 2000 werd het wat stiller rond Thé Lau en zijn band. De fut was er wat uit.  Maar na een pauze van vijf jaar stak The Scene in 2007 het vuur weer aan de lont. Hun klassiekers kregen een nieuw jasje en met een reeks uitverkochte concerten maakten ze hun reputatie als één van de beste rockgroepen der lage landen opnieuw waar. Ik was erbij toen ze de AB deden daveren tijdens een legendarisch wederopstandingsconcert, dat nog dagen bleef nazinderen. De energie spatte van het podium en het  was duidelijk dat de bandleden elkaar weer begeesterden.

Die begeestering resulteerde in ‘Code’, de laatste cd van de band en de eerste waar alle groepsleden heel intens aan samen werkten. In de periode dat de cd uitkwam, had ik het voorrecht om Thé Lau, als kersverse DaMusic-reporter te mogen interviewen. Wat me toen zo trof, is dat hij toen pas echt tevreden was over zijn songteksten en hoe perfectionistisch hij  was. “Bij alle vorige platen zijn er nog steeds enkele zinnen waarvan ik merk dat ze niet goed lopen of - erger nog - niets meedelen. Nu heb ik er dieper kunnen induiken en dat hoor je”, vertelde hij.  En dat klopt, voor mij is elke songtekst  een pareltje.

Toen Thé Lau het tijdens ons gesprek had over hoe hij nog altijd de daver had voor hij het podium op moest, ving ik een glimp op van de onzekere jongen, die zich nog altijd wou bewijzen. Gelukkig heeft hij alle eerbetoon dat hij verdiende nog gekregen nadat hij ziek werd. Eindelijk op Pinkpop en tot slot een reeks afscheidsconcerten.

De laatste keer dat ik Thé Lau aan het werk zag was enkele maanden geleden tijdens de literaire tournee ‘The Pursuit Of Happiness’. Aan het eind van het optreden zong hij, heel breekbaar en tegelijkertijd met een enorme levenskracht, begeleid door Dimitri Verhulst op piano, de mooiste versie ooit van Iedereen Is Van De Wereld.

Hoe hij in het leven gebeten heeft, ook het laatste jaar, en hoe hij met de dood omging, is straf. Maar dat was hij ook in zijn schrijven, in zijn muziek en in het mens zijn. Een man zonder kapsones en met een groot hart. Wat hij nalaat in songs en boeken, is voor mij van het schoonste ooit geschreven.
(evd)

Beste Thé,

Voor mijn vroegste herinnering aan jou moet ik terug naar het jaar 1992. Mijn vader vertelde mij meermaals dat hij het liedje Open van een band genaamd The Scene erg goed vond. Over welk liedje mijn vader het had, kwam ik gek genoeg pas te weten toen vorig voorjaar bekend werd dat je ongeneeslijk ziek was. Pas toen ontdekte ik al die prachtige liedjes. Natuurlijk kende ik wel Iedereen Is Van De Wereld, maar heel lang wist ik niet dat het van The Scene was. Zo gaan die dingen, zoals je ongetwijfeld ook weet.

Magere hein heeft nog een zware dobber aan je gehad en je verkocht hem middels De Dood (van ‘Platina Blues’, 2014) en een prachtig afscheidsconcert met The Scene in de HMH nog een paar rake klappen. Vandaag, een jaar en zeven dagen na dat afscheidsconcert moeten wij afscheid van jou nemen. Dat doet zeer, Thé, heel erg zeer. Die vuile, uitzichtloze dood waarover je rauw en hees zong heeft je dan toch te pakken gekregen.  Vandaag is alles blauw, blauw, blauw.

Rust zacht, Thé.
(gd)

Eerste keer The Scene gezien in het Theatrium in Mechelen, waar The Scene - met Gorky (toen nog met y) in het voorprogramma - eind 1990 optrad. Het kon hen niet schelen dat het achterafzaaltjes waren waar ze die gloednieuwe plaat ‘Blauw’ moesten voorstellen. De rock was eerlijk, heerlijk en zowaar Nederlandstalig. Wie dacht dat het niet kon in het Nederlands, werd door Thé Lau luidop terechtgewezen.

Sindsdien heb ik hen nog heel wat keren aan het werk gezien, waarvan niet alle optredens bij zijn gebleven. Maar die nummers bleven wel. En die zullen ook niet vervagen. “Een harde hand heeft ons geslagen zonder ons te breken / Maar een zachte hand heeft ons gemaakt, bezegeld en gezegend”, zoals hij het zelf omschrijft in De God Van Nederland. Het was even slikken toen we het hoorden, maar de muziek biedt troost. Zoals altijd. Zoals het hoort.
(pvg)

Els Van Doorslaer, Gregor Dijkman, Patrick Van Gestel - Foto: Joris Bulckens


June 25, 2015