Ziur U Feel Anything?

Planet Mu
U Feel Anything?

Berlijn en techno: dikke vrienden. En toch blijkt een nieuwe generatie elektronicaproducers op te staan, die meer en meer de progressieve paden bewandelen en experimenteren met beat en bass. Ziúr, stichter van de "Boo-Hoo" party’s waarin muzikale grenzen gesloopt worden, pakt via het al even creatief vrijdenkende Planet Mu uit met een opmerkelijk debuut.

Even proberen te vatten … want dat het hier om “vrije muziek” gaat, wordt al snel duidelijk. Het dozijn tracks dat Ziúr over haar debuut uitsmeert, kennen de basis in loodzwaar drillende, spacy drum’n’bass. Songs waarin een vibrerende ondergrond, een zweverige laag en een hoog grijpende melodie samenkomen. Enkel heeft de dame die dusdanig verknipt, vervaagd, weggefilterd en vol kaleidoscopische stukjes gekleefd, dat een ontzettend fragmentarisch geheel ontstaat. Nu ja, “geheel” … in het merendeel van de nummers is een totaliteit volkomen zoek.

Want waar in Body Of Light af en toe de buitenaards hoog vervormde stem van Aïsha Devil opduikt als houvast, is het moeilijk om tussen de breakbeat versus sissende ritmes versus industriële minimal loops versus Oosterse melodie een patroon te ontdekken. Dit is niet enkel een weerspiegeling van de hedendaagse zapcultuur, maar ook muziek die weigert samen te klitten of door te breken. En zo blijft de luisteraar keer op keer op zijn honger zitten en zoeken naar eenheid binnen de breaks, drills, drumloops, samples en basstructuren. Slechts twee op twaalf nummers houdt de Duitse van begin tot eind vast aan iets dat als een “patroon” kan bestempeld worden; één keer in een conglomeraat van ritmische elementen, metaalklanken en drum’n’bass-achtig patroon waarbij de bas zingt en de drum bestaat uit een geheel van eigen clicks, shuffles, pulsen en tics (Cipher) en één keer in een Björk-achtig, abstract, downtempo kader waarin cello en de gepitchte zang van de Zweedse Zhala voor binding zorgen.

En toch gaat deze erg drukke, onsamenhangende muziek nooit enerveren. ‘U Feel Anything?’ blijft immers lekker rommelen, borrelen en voor sfeer zorgen. Delicaat versus agressief. Altijd net kort genoeg om mee te zijn, maar niet lang genoeg om aan te kleven. Uitdaging? You bet. Bedenk enkel maar wat een complex proces van geluiden bij elkaar brengen en bewerken achter elk van deze vier minuten durende tracks moet steken. Het constante spel van opbouwen en terug afbreken, haat en liefde, tastbaarheid en zoektocht. Dit is vrij geniaal (niet te vergeten dat de grens tussen gek en geniaal soms flinterdun is).


8 december 2017
Johan Giglot