The Cure Disintegration

Elektra Records
Disintegration
Mistroostig zijn, het is ons wat. Zowat iedereen gaat wel eens door zon periode van complete en allesverslindende tristesse. Als die dan nog langer dan een paar vervelende uren pleegt aan te slepen is het hek helemaal van de dam.

Wanhoop echter niet, want sinds 1989 kan u nu ook in stijl wezenloos uit het raam staren. Of het nu om examenstress, een erg ongelegen komende verliefdheid, de slome huisschildpad die door het hyperactieve buurjongetje als voetbal werd aanzien of gelijk welk ander Groot Leed gaat, The Cure has got you covered.

Treurwilg en notoir kammenhater van dienst Robert Smith ging gebukt onder liefdesverdriet, maar ging verder waar de rest van de wereldbevolking stopt (of in het geval van Staind onvergeeflijk en even pijnlijk hard faalt). In plaats van een genadeloze plundertocht richting koelkast aan te vatten besloot heer Smith zn gemoedsgesteltenis in een muzikaal jasje te gieten; een beslissing die we vijftien jaar na datum nog steeds toejuichen - en dan gaat het niet alleen om het afschuwelijke zicht van dat extra vetrolletje dat we anders tegenwoordig live hadden moeten verdragen.

Disintegration is met zn weemoedig galmende drums, overvloedig aanwezige en verdomd melancholische keyboards, ongemakkelijk bijtende gitaarlijntjes en Smiths asgrauwe kippenvelteksten met bijhorende hopeloze net-niet-kreunstem immers een meesterwerkje van tijdloos formaat. The Cure weigerde ook maar n instrument op de achtergrond te posteren en raakte er nog mee weg ook. Sterker nog, de verbazend precies uitgekiende composities garanderen een ongestoord potje zielig zelfmedelijden.

Zielig zelfmedelijden genoeg immers op deprimerend mooie nummers als Last Dance en Homesick. Iets minder pathos (vergeef ons de term) maar des te meer genialiteit wordt er met de losse hand in het rondgestrooid, wanneer Fascination Street en het beklemmend rondspokende Lullaby hun opwachting maken.

Wie Disintegration ooit door de oorschelp heeft laten golven kan het immers enkel beamen: dit is verplichte kost. Geen verplichte kost zoals we ons dit jaar al een goede twintigtal keren snackgewijs onder de neus hebben laten wrijven, maar een onvervalst zevengangenmenu zoals alleen de decadente kerstfeestjes bij de al even gezellig corpulente suikeroom die hebben. Dat Kerstmis dit jaar later valt, en mistroostiger is dan toen alles nog koek en ei was met het lief (Last Dance), daar schikken we ons stiekem, met Disintegration als pijnstiller en katalysator tegelijk lustig rondspinnend op de achtergrond, met (relatief) plezier naar.

November 8, 2008
Vincent Merckx