Sampha Process

Young Turks
Process

Direct voor de bakker ermee: Sampha zijn debuut is wat we er van verwachten, en dat is al heel wat. Jaren lang stond Sampha’s telefoonnummer op speed dial  bij grootheden als Drake, Kanye West, Frank Ocean en Solange, wanneer ze weer eens een hook nodig hadden die lichtjes moest ontroeren. Nu doet hij het alleen, en eenzaamheid klonk zelden zo overstuur.

Men zou zich kunnen afvragen waarom het in hemelsnaam zo lang moest duren vooraleer Sampha zijn debuut uitbracht. Het antwoord is even simpel als hartverscheurend: een ongelijke doodsstrijd stak er een stokje voor. Nadat ‘Sundanza’, zijn eerste ep, uitkwam in 2010, kreeg hij te horen dat zijn moeder kanker had. Een nieuwe mokerslag, nadat hij pas de dood van zijn vader had verwerkt. Die stierf aan diezelfde vuile ziekte. Sampha stond alleen voor de verzorging van zijn moeder, en wist zichzelf in tussentijd naar zijn piano te slepen; een instrument dat zijn vader destijds voor hem en zijn broers de kamer had ingesleept in de hoop zijn kinderen van de tv weg te krijgen.

Wie zijn oude nummers kent, weet wat Sampha teweeg kan brengen met je emoties. Leg tijdens een liefdesbreuk Too Much op en je krijgt beslist een paniekaanval waarbij je gedwee op de knieën gaat, snikkend de armen ten hemel rijkt en een tijdloze oerschreeuw slaakt. Waarom is de liefde toch zo’n valkuil? En waarom trappen we er elke keer opnieuw zo graag in? Sampha verwoordt als geen ander emoties in klanken.

Dat is op ‘Process’ niet anders. (No One Knows Me) Like The Piano is geschreven net na de dood van zijn moeder. Tien minuutjes werk, niet meer. Puur uit het hart, recht naar je ziel. En dat terwijl de vogels buiten hoorbaar fluiten en het leven ongenadig verder gaat. Daar kan en mag je met geen knopjes meer aankomen en zelfs de bas en drum die heel even opduiken, zijn er eigenlijk teveel aan. Het zorgt voor een krop in de keel die zelfs een Henry Heimlich in vorm er niet weet uit te rammen.

Sampha's sterkte is uiteraard zijn stem. Die diepe stem die als een diesel optrekt, maar toch anderen het nakijken geeft. Die schorre stem die klinkt als choco op boter of vanille-ijs op een warme appeltaart. Een stem die uniek is, dankzij de verkeerde redenen. Het is namelijk een bultje in zijn keel, een goedaardige klonter bijna, die zijn stem net dat extra cachet geeft. Of zoals hij het zelf beschrijft in de opener Plastic 100ºC: “Oh, sleeping with my worries, yeah, I didn’t really know what that lump was: my luck.”

Dat hij veel gebruik maakt van zijn stem kan je hem natuurlijk niet kwalijk nemen. Tijdens Blood On Me en andere intro’s en outro’s gebruikt hij er samples van en tijdens Like The Piano en Take Me Inside flirt ze sierlijk met de klanken van de piano. Maar het is op afsluiter What Shouldn’t I Be dat hij je pas echt raakt, wanneer hij terug de hand rijkt naar zijn vergeten broer, die door een beroerte een mentale handicap heeft opgelopen. Die snik in zijn stem waarachter spijt en verdriet schuil gaat, dat kan je niet faken.

Hoewel Sampha je mistroostig begeleidt naar de triestige kelders van zijn bestaan, lijkt er achter enkele deuren toch een klein feestje schuil te gaan. Under is een sloom trapnummer dat, dankzij de juiste woorden op de juiste momenten, voor de nodige nekbewegingen zorgt. En ook de wereldse instrumenten die gekozen worden tijdens bijvoorbeeld Kora Sings zijn gedurfd, zonder dat het gevoel verdwijnt van een eenzame, Londense kamer. Het bewijst wat een begenadigde artiest Sampha is.

Vooruit dan maar met die Brit Award volgende maand! Vooruit dan maar met dat optreden in de AB later dit jaar! Gebroken zijn we toch, nu we eindelijk in de psyche van één van de grootste talenten van deze aardbol hebben mogen binnenkijken. Zakdoek in de lucht, over en uit.


February 7, 2017
Joris Roobroeck