Helicon ft Al Lover - Arise
Fuzz Club Records
Superproject of bijzonder experiment? Het ligt soms verdomd dicht bij elkaar. In dit geval heeft de Schotse psychedelische band Helicon de L.A.-producer Al Lover weten te strikken voor een bijzonder trans-Atlantisch samenwerkingsproject. Eentje waarbij Chris Geddes van Belle & Sebastian even mee achter de piano kruipt, en producer Tony Doogan - die ook noiserockers Mogwai en The Jesus & Mary Chain al in goede banen wist te leiden - de knoppen beroert. En dat ging op een gegeven moment zó goed, dat Al Lover niet meer tevreden was met het opsturen van digi-files en ideetjes, maar nog eens lekker oldskool het vliegtuig instapte om mee in de Castle Of Doom-studio met drummachine, synth en samplers aan de slag te gaan.
Het resultaat wordt al een beetje verklapt door het psychedelische artwork van dit album: een geestverruimende trip waarin gelaagde, lome gitaarsongs vol galm en effecten op je afvliegen. Waarin Indisch aanvoelende sitarmomenten als bedwelmende, luidruchtige gitaarpartijen elkaar afwisselen. En waarin je meteen voelt: dit zit goed en dit zit op zijn plek in de Fuzz Club. Om het met de woorden van frontman John-Paul Hughes te stellen: “open your eyes and arise”.
Dat doe je dus met alle plezier, negen optimistische songs lang. Of dat nu in dat Oosterse tintje is of in een soort van The Cure-Love Song-alike zoals het instrumentale Tabula Rasa: er zit stevig wat pit in dit album. En wat hypnosekracht, natuurlijk, want de combinatie van permanent ronkende gitaren, repetitief hakkende riffs en een wall of sound vol wegdraaiende space-effecten knalt tegen een luid volume stevig rond in je hersenpan.
Zoals de band zelf beweert: dit is maximale muziek. Muziek die optimaal uitgerekt wordt en toch niet synthetisch aanvoelt. Die compact en vol overkomt, maar toch ook vol details en nuances zit. Dat kan je niet ontkennen wanneer een instrumentale song als Adjust The Dosage ironisch genoeg bijna zes minuten lang als een heuse progrocksymfonie vol noise erupties uitbarst.
Je voelt trouwens ook al ergens aan wie het voortouw neemt in dit geheel: de klassieke gitaarbezetting uit Glasgow. Het is te zeggen, dankzij de piano van gast Geddes in het afsluitende Goodbye Cool World is Helicon voor dit project uitgegroeid tot een negenkoppige band. En dan kan je al eens een laagje extra in je muziek leggen. Maar dat reduceert de bijdrage van Al Lover niet noodzakelijk tot de achtergrond. De essentie van een aanvurende drumbeat (We Don’t Belong) of een heerlijk met je triphoppend Midnight Mass mag je helemaal op de man zijn conto schrijven.
Het plaatje klopt dus echt helemaal. Als icoon van een soort van energieke en moderne hippie community waarin de luisteraar niet als passieve observant moet blijven, maar “in het hoofd actief mee mag beleven”. Of dat beweert een DJ/producer uit L.A. dan weer.
