Flying Horseman - Night Is Long

Unday Records

De vorige drie albums en een ep vielen als manna uit de hemel in een bijna constante stroom tussen 2010 en 2013. Het was voor de fans van Flying Horseman dan ook ongewoon lang wachten op een vervolg voor ‘City Same City’. Maar nu is het dan zover.

Night Is Long





En het lijkt wel alsof Bert Dockx zijn songschrijverspen in een potje Afrikaanse, veelkleurige inkt gedoopt heeft, als de eerste song door je hoofdtelefoon meandert. Wild Colours laat een band horen die meer swingt en groovet dan ooit tevoren. Toch blijft de signatuur van Flying Horseman duidelijk aanwezig en blijkt de song gewoon weer een volgende schakering op het palet van de band.

Die groove blijft aanwezig op Faithfully Yours (en zal verderop nog vaak weerkeren), al wordt het tempo hier heel wat slepender en wordt de slagschaduw van Dockx’ woorden een pak zwaarder. Het is dan ook een afscheidslied. Dat is misschien niet af te leiden uit de titel, maar de tekst laat niets aan de verbeelding over. Verderop zal Docks je op vergelijkbare wijze nog eens op het verkeerde been zetten met Chaos.

De meeste songs hebben weer dat typische trance-achtige waar Flying Horseman bekend om staat. Door het steeds maar weer herhalen van hetzelfde patroontje, al dan niet lichtjes variërend, raak je net als bij de vorige platen weer zwaar in de ban van de benevelende muziek. Vooral het intense gitaarwerk van de meester zelf pakt je; of hij nu luid of net ingehouden speelt.

Je kan Flying Horseman ook niet betichten van steeds hetzelfde trucje te gebruiken. Little Boy, waarin de instrumenten gestreeld worden, lijkt een teder, ingetogen slaapliedje, maar is eigenlijk een verlangen naar vroeger. Wat een contrast met het acht minuten durende Money dat grotendeels klinkt als iets dat van The Sound had kunnen zijn. Ook in de intro van Spider  en in Brother voelen we die magie die Adrian Borland kon opwekken.

Maar Flying Horseman is veel te inventief om passende vergelijkingen te vinden. Bij elke luisterbeurt ontdek je andere lagen waarin jachtige percussie, borrelende bassen en ijle synths zich ophouden of word je geraakt door een tekstflard die je nog niet eerder opmerkte. 

En anders verrast de band je wel met een song als We Are One waarin Richard Hawley-achtig croonen gekoppeld wordt aan geschuifel op drums, kurkdroge elektronica en de sirenenzang van de zusjes Maieu.

Samen met Money is het titelnummer de song waarin de band de suspens het meest opdrijft. Het zijn ook de langste nummers, maar door de variatie en de intensiteit vervelen ze geen nanoseconde. Niets nieuws onder de Flying Horseman-zon, dus, maar daarom niet minder straf.

De nacht mag dan wel lang zijn, maar met deze plaat als soundtrack, kan hij niet lang genoeg duren. Gelukkig korten de dagen de komende weken nog meer.

4 november 2015
Marc Alenus