Fleet Foxes Crack-Up

Nonesuch Records
Crack-Up

Voor de meeste bands is album nummer twee de zwaarste bevalling. Bij Fleet Foxes kwam ‘Helplessness Blues’ nog vlot ter wereld, zeker in vergelijking met deze olifantendracht.

En toegegeven, ook wij hadden het behoorlijk moeilijk met deze nieuwe Fleet Foxes, zelfs na de bevalling. Na zes jaar wachten was de verrassing behoorlijk groot. We hadden natuurlijk kunnen verwachten dat Robin Pecknold en zijn bebaarde en besnorde kornuiten met iets anders zouden komen na al die tijd, maar eerste single Third Of May/ Ōdaigahara  sprak dat enigszins tegen. Het was dan wel een klepper van bijna negen minuten, toch klonk de band alsof zij nooit was weggeweest.

Ook Fool’s Errand klonk vintage Fleet Foxes en was nog een pak toegankelijker dan de introductie tot het nieuwe album, al zijn sommige van de tempowisselingen even grillig als de golven op de hoesfoto.

Maar dan kwam het album zelf en vanaf de eerste noten van de opener, het drieluik I Am All That I Need / Arroyo Seco / Thumbprint Scar werd duidelijk dat dit geen hapklare brok zou zijn. Als luisteraar kom je gewoonweg oren te kort. De lijst aan instrumenten, die op deze plaat gebruikt werd, is dan ook schier eindeloos en dan wordt er ook nog eens gretig gebruik gemaakt van samples van zowel spoken word, natuurgeluiden en verwrongen, ondefinieerbare klanken.  

Na de overweldigende start, die uitdooft in het geluid van kabbelend water, dobber je rimpelloos richting Cassius, een song die gaat over het doodschieten van Alton Sterling en Philando Castile door de politie en de protesten die daarop volgden, maar die door het toevoegen van blazers en strijkers eerder een elegie dan een protestsong werd.

Hetzelfde geldt voor de titelsong en If You Need To, Keep Time On Me die lijken te gaan over de verwarring na de verkiezing van Trump tot president van de VS, al blijven ze zo vaag dat ze ook over de identiteitscrisis kunnen gaan waar Pecknold doorheen moest. Een song als Mearcstapa lijkt de balans in die richting te doen doorslaan.

Naiads, Cassadies zorgt voor een luisterervaring die bijna religieus is te noemen. Hier zijn ze dan: de wondermooie stemharmonieën waarvoor de wereld aan de voeten van Fleet Foxes lag. Ze worden bovendien ondersteund door teder getokkel en monden uit in een hemelse, instrumentale passage. Voor een keer laten Pecknold en co. een goede song zichzelf zijn, want in wat volgt, lijkt opnieuw verwarring troef.

Die verwarring wordt geuit door talloze tempo- en sfeerwisselingen in songs die nooit onder de vier minuten blijven en rijkelijk voorzien werden van schetterende koperblazers en wild fladderende strijkers, waardoor slechts af en toe de genialiteit van de band zichtbaar wordt alsof jachtige, donkere wolken maar nu en dan een gat laten vallen waardoor de stralend blauwe hemel zich laat zien.

Het maakt van ‘Crack-Up’ geen slechte, maar wel een moeilijke plaat. We leven dan ook in een complexe tijd en misschien blijkt over tien jaar wel hoezeer dit een perfecte Polaroid was waarin die gevangen werd.

Fleet Foxes speelt op 17 en 18 november in de Ancienne Belgique, beide concerten zijn uitverkocht.


3 juli 2017
Marc Alenus