Dasher Sodium

Jagjaguwar
Sodium

Soms wil het gewoon maar niet lukken. Dat mocht Dasher-frontvrouw (en -drummer) Kylee Kimbrough ondervinden. Net voor uitgave van de debuutplaat, sloeg de faalangst toe en gingen de plannen de kast in. Grondige wijzigingen in de band, een verhuis en vooral, het persoonlijk herpakken hebben na drie jaar toch tot succes geleid. Want één ding is zeker: ‘Sodium’ mag en zal gehoord worden.

Wie er het ter ore komt, zal dit album immers niet kunnen negeren. De felle uppercut van noiserock, postpunk en zelfs tierende black metal-uithalen, waarmee Dasher vanuit Indiana uitpakt, klinkt ronduit verpletterend. Constant melodieuze gitaarnoise en stampend drumwerk smakken in het aangezicht en geven aanleiding voor Kimbrough om haar ziel uit te knijpen. Wat te denken van “Nobody really loves me / if they say they do / it’s because they don’t know me” (Eye See)? Onzekerheid en zelfgeseling geven aanleiding voor de power, die ze vocaal uitstraalt en waarmee ze uithaalt. Al beweert de frontdame geen muzikale uitlaatklep voor haar gevoelens te zoeken, maar eerder geïnspireerd te zijn door Japanse hardcorebands.

Wat echter vooral opvalt, is dat de band zich op deze debuutplaat een geheel eigen sound heeft aangemeten, iets wat enkel maar kan toegejuicht worden. Een melodieuze muur van fuzz op de gitaar, stevige distortions, wat galmende, ontdubbelde schreeuwstem, het geeft dit kwartet extra dramatiek en punch mee. Zonder daarom echt uit de bocht te vliegen dan, want Dasher houdt zich nog net weg van het etiket “metal”. Maar het maakt wel dat de stampende industrialgroove van Soviet (met als refrein de herhaaldelijk gescandeerde titel) zich gewoon kan doorzetten in het daaropvolgende, voor zichzelf sprekende Resume, zonder dat daar ergernis over kan ontstaan.

Laat het duidelijk zijn dat dit debuut een fysieke klepper is die om een luid volume smeekt. ‘Sodium’ zuigt de luisteraar mee in zijn noise en power en gunt geen rust; een half uur lang. Als de band zich een momentje gunt waarin het tempo wat meer omlaag mag in het politiek geïnspireerde Go Rambo, staat daar een stevig drammende punksong als No Guilt tegenover waarin de felle frontlady nog net wat meer aan het tieren gaat en haar stem lijkt achter te laten na de afsluitende uitroep “No guilt, no shame!”. En laat het net die kracht zijn die verhindert dat het nogal uniforme geluid van deze plaat zorgt voor verveling, maar eerder voor versterking. 

Eat this!!!

14 september 2017
Johan Giglot