Carpenter Brut - Leather Terror

Virgin Records

Leather Terror

Zeker de laatste jaren is het niet ongebruikelijk dat artiesten een soloproject gebruiken om vorm te geven aan de muziekideeƫn in plaats van met een band. Ook het uiten van een fascinatie voor horrorfilms via het elektronische genre is niet geheel uniek. Denk aan het werk van Survive voor de serie 'Stranger Things'. In principe valt Franck Hueso a.k.a. Carpenter Brut ook in deze categorie. Maar de Fransman gaat veel verder. Zeker op het nieuwe album 'Leather Terror', het tweede deel in een trilogie waarvan voorganger 'Leather Teeth' alweer stamt uit 2018.

Her en der op het net staan er nog verouderde omschrijvingen van Carpenter Brut als synthpopproject met scherpe randjes en een drietal ep's op het repertoire. Tien jaar nadat de eerste hiervan uitkwam, is Hueso alweer de nodige stappen verder. Na 'Leather Teeth' verscheen er in 2020 van zijn hand de filmsoundtrack van 'Blood Machines', waarop hij met synthesizers een muzikaal landschap bouwde dat een oude meester als Jean-Michel Jarre in herinnering bracht.

Op de eerste helft van 'Leather Terror' betreedt hij het domein van de industrial. Scherpe drums, een vervormde baslijn en vette elektronische geluiden doen veelvuldig denken aan bands als Fear Factory en Nine Inch Nails. Een bombastische, deels orkestrale aankleding maakt het geheel nog spannender. Het zijn de juiste klanken voor het verhaal dat verteld wordt over iemand die met de air van een serial killer revanche wil nemen op een cheerleader.

In het middengedeelte van de plaat geven Day Stalker en het daaraan naadloos aansluitende Night Prowler met opzwepende techno een extra zetje aan het adrenalineniveau. Het is niet een geheel onbekende weg die de Carpenter hiermee betreedt, maar een fel en prikkelend productiegeluid zorgt voor een fris gevoel. Wel is het een nadeel dat er na deze twee nummers weer een gedaantewisseling plaatsvindt, waarvan er eigenlijk net iets te veel zijn.

Natuurlijk levert die veelzijdigheid hoe dan ook veel moois op. Fans van het eerste uur zullen hechten aan de nummers waarin de vertrouwde synthwave de boventoon voert. Waardevol is de vocale medewerking van diverse gasten. Persha geeft op Lipstick Masquerade zelfs even de illusie dat Madonna meedoet. Sylvaine stuurt met betoverende stem Stabat Mater naar een soort folkambient, terwijl Johannes Andersson van Tribulation de reeds aanwezige suggestie van black metal in het afsluitende titelnummer nog geloofwaardiger maakt.

Dit tweede deel bevat genoeg verschillende stijlen om de hele trilogie te vullen. Zo krijgt de luisteraar wel veel stof te verwerken, maar bij zulk boeiend materiaal is dat niet per se een straf. Het maakt ook nieuwsgierig naar wat Carpenter Brut de volgende keer allemaal uit de hoge hoed zal toveren.

2 mei 2022
Tino Fella