Brother Ape - A Rare Moment of Insight
Progress Records
Christoph Lintermans — 12 januari 2011

Een aap gooit een been in de lucht. In één van de beroemdste montagesprongen uit de filmgeschiedenis verandert dit been in een ruimteschip dat op Strauss’ Blauwe Donau door het heelal walst. Stanley Kubricks ‘2001: A Space Odyssey’ liet zich horen op de achtergrond toen we ‘Turbulence’ (2009) hoorden, het vierde album van Brother Ape. Dit was het album dat de Zweedse proggers lichtjaren vooruit wierp. En kijk nu: opvolger ‘A Rare Moment of Insight’ is minstens even goed.
Afgaande op de inspiratie die in de studio kwam opborrelen, bleken die momenten van inzicht toch niet zo zeldzaam. Het gesofistikeerde gitaarspel van Stefan Damicolas wordt gestut door de lekkere groove van ritmetandem Gunnar Maxén en Max Bergman. Drummer Bergman past hierbij de slagstijl toe uit de nu-jazz – vergelijk met Pat Mastelotto (King Crimson). De zang van Damicolas is een ‘acquired taste’ maar past goed bij de algemene toon van de teksten.
Juggernaut Now is interessante lectuur omwille van de verschillende betekenislagen. De Juggernaut is natuurlijk de brokkenmakende, muterende superheld uit ‘X-men’: If I’ll be dead by noon tomorrow / there were things that I never should have said / Heavenly mother / The prize of success was high / I still remember lives I took / we have died enough. Maar evengoed vertelt dit over het kwaad dat in elk van ons schuilt en hoe wij ons daar vruchteloos van proberen los te maken.
Ook Chrysalis en Ultramarathon handelen in metaforische zin over universele menselijke thema’s. Chrysalis – de term staat voor de pop van een vlinder – drukt ons verlangen uit om ons weg te stoppen in een cocon bij het zien van alle ellende in de wereld. Maar om echt jezelf te zijn mag je daar niet aan toegeven, zo klinkt het. Een appel tot maatschappelijke betrokkenheid, zeg maar.
Ultramarathon roept onvermijdelijk echo’s op naar de Rush-klassieker Marathon uit het album ‘Power Windows’ (1985). Net als Neil Peart beschouwt tekstschrijver en componist Stefan Damicolas de marathonloop van het leven als de triomf van het vrije individu. Natuurlijk had deze boodschap in de jaren ’80 een sterkere weerklank – dankzij het neoliberale beleid onder Reagan en Thatcher. Maar door het metaforische gebruik van de muzikale middelen (de nerveuze keyboardloopjes, de fraaie tempowisselingen, de vloeiende baslijn) groeit Ultramarathon uit tot het absolute hoogtepunt van deze plaat.
Over invloeden gesproken: het refrein van Seabound lijkt zo weggelopen uit een Saga ballad. Bedoeld als rustpunt op het album, klapt dit semi-akoestische nummer langzaam als een bloem open. Gitaar en piano mengen mooi met de aanzwellende orkestratie. Instinct is weer erg groovy en pikt in op het thema van Chrysalis: de rups is een vlinder geworden die op intuïtie zijn droom zal najagen, cause time is short.
De heavy rock van Echoes of Madness (inclusief de hoekige gitaarriffs) past dan weer bij de waanzin van de religieuze fundamentalist die paradoxaal genoeg ontmaskerd wordt als iemand die eigenlijk heel goed weet dat hij te ver gaat: His hate is blind / It’s eating his mind / asks God to forgive him / for he is about to make a sin. En hij wéét dat er een uitweg is: Take me to the other side / Show me everyway to love / and the echoes of madness / are slowly, slowly dying away.
The Art of Letting Go brengt de synthese van de diverse thema’s en ook instrumentaal mag je spreken van een heuse apotheose. De harde maar bloedmooie melodielijnen komen ten slotte tot rust in de akoestische epiloog In a Rare Moment. In een zeldzaam moment komt de mens tot inzicht. Maar dat ene ogenblik kan volstaan om echt vrij te zijn. ‘A Rare Moment of Insight’ is uiteindelijk een ode aan dit inzicht.
