Bjork Utopia

One Little Indian
Utopia

Als er iemand het aspect liefde heeft kunnen doorgronden, is het Björk wel. Daar zij op ‘Vulnicura’ liefdesverdriet blootlegde als zij het een openhartoperatie, prijst ze op ‘Utopia’ de geboorte van nieuwe vlinders in haar buik. De plaat verkent het ultieme verliefdheidsgevoel, spiegelt het onhoudbare verlangen naar een geliefde en toont hoe mooi prille liefde kan zijn. En dat op de pure, weelderige manier die haar zo eigen is.

‘Utopia’ geeft dat Pandora-gevoel. U weet wel, Pandora, die vreemde planeet vol onbekende dier- en plantensoorten uit James Camerons Avatar. De bevreemdende melodieën en de resem aan natuurgeluiden scheppen alvast dezelfde sfeer; als een stille exploratie door onbekende gebieden. De plaat is in feite het tegenovergestelde van haar voorganger ‘Vulnicura’. Duistere gedachten en droefheid lossen op in het niets en maken plaats voor hoop. Hoop op een nieuwe start, op een nieuw leven, op nieuwe liefde. Wel, beste Björk, die liefde willen we na het beluisteren van de plaat best geven.

Dat de IJslandse met dit album een andere weg wilde inslaan dan op ‘Vulnicura’, wordt meteen duidelijk bij de opener Arisen My Senses. Het nummer lijkt zowaar een optimistische rebellie tegen normale songwriting. Met niet-samenlopende zanglijnen, offbeat drums en heel wat rondfladderende natuurgeluidjes is het ook meteen de meest chaotische en grensverleggende single op de plaat. Zo eentje waarbij je moeite moet blijven doen om te blijven luisteren. Typisch Björk, dus.

Het is dan ook bijna een verademing wanneer Blissing Me, de saga over twee verliefde muzieknerds die mp3’s uitwisselen, aanbreekt. De tokkelende harp, de lieftallige tekst en de subtiele echo; het plaatje klopt helemaal. Maar het is pas bij The Gate dat ze ons helemaal weet te overtuigen. Het nummer is als een overgang tussen twee werelden: enerzijds het pijnlijke ‘Vulnicura’, anderzijds het idyllische ‘Utopia’. Zachte windinstrumenten en een koortje vormen het begin van de nogal beklemmende intro, die zich uiteindelijk langzaam opbouwt tot een stevig nummer met ruimte voor het zwaardere synth- en percussiewerk.

Waar The Gate een rijk geluidsspectrum heeft en boordevol verrassende elementen zit, schittert Features Creatures dan weer in eenvoud. Björk laat haar lyrisch talent -ditmaal gaat het over een ontmoeting met een lookalike van haar geliefde in de platenwinkel- slechts ondersteunen door een spookachtig koor en wat vage fluitinstrumenten. Loss en Sue me kunnen ons niet echt bekoren -wat is in hemelsnaam die vreemde, haperende ruis op de achtergrond? Een cementmixer?- maar het daarop volgende Tabula Rasa is dan weer wel het luisteren waard. Op het gemoedelijke instrumentaal ensemble maakt ze duidelijk dat ze het verleden achter zich wil laten en, zoals de titel zegt, met een schone lei wil herbeginnen.

Al bij al is deze plaat, alweer, een rollercoaster van genres (wacht, kent Björk wel genres?) en gevoelens. Geen hits die uit de context gerukt kunnen worden om op de radio te smijten, maar wel een mooi samenhangend geheel dat u, mits uw onverdeelde aandacht, zonder problemen bij de hand neemt voor een trip naar het paradijs. Waar wacht u nog op?


24 november 2017
Jeroen Poelmans