Big Big Train Grimspound

Giant Electric Pea
Grimspound

Deze progrockers hebben terecht veel aandacht gekregen op deze pagina’s. Maar wat na de meesterwerken ‘The Underfall Yard’ en ‘English Electric’ (delen één en twee) en het uitstekende ‘Folklore’? Vernieuwend klinkt ‘Grimspound’ niet meer, maar het bevestigt Big Big Train nogmaals als toonaangevende, symfonische rockgroep.   

De invloed van Genesis blijft dominant. Zanger David Longdon deed zelfs auditie bij Banks en Rutherford voor ‘Calling All Stations’, maar het werd Ray Wilson. Wie al jaren vruchteloos wacht op een Genesis-reünie met Gabriel en Hackett, kan gelukkig bij BBT terecht. Zeker sinds de voltijdse rekrutering van Rikard Sjöblom (ex-Beardfish, Gungfly) en drummer Nick D’Virgilio (Spock’s Beard, Genesis) is de stoomtrein op volle kracht met toenemende productiecapaciteit: ‘Folklore’ verscheen nog maar vorig jaar; en dit ‘Grimspound’ heeft er zelfs al een kleine broer bij (‘The Second Brightest Star’).

Met acht leden aan boord heeft BBT een voller, steviger geluid gekregen. Dat hoor je meteen op Brave Captain, een knap uitgebalanceerd vierluik over luchtmachtkapitein Albert Ball, die in 1917 crashte en er het leven bij inschoot. De groep trekt een integer klinkend memoriaal voor de man op, maar kijkt daarbij ook naar de mens achter de heroïsche iconografie. Het vioolspel van Rachel Hall, die op het nieuwe album sowieso meer ruimte krijgt, geeft het geheel een hymnische toets.

Ook Experimental Gentlemen reflecteert op de historische daden van mannen. In 1768 zette James Cook alle zeilen van de Endeavour bij richting de Grote Oceaan, in de hoop het nog onontdekte, zuidelijke continent te vinden dat bekendstond als Terra Australis Incognita. Ook de acht muzikanten hebben al hun zeilen opgetuigd en gaan als het ware als wetenschappers aan het werk. De bijzonder slimme arrangementen maken er tien perfecte minuten van; deze song is helemaal af. David Longdon vertelt met de blik van een expeditielid over “the wonder of it all”, terwijl de luisteraar getuige is van een wonder van muzikaal vakmanschap.  

Ook de pastorale zijde van de band wordt fraai belicht. Het semi-akoestische Meadowland situeert zich op het platteland, waar Uncle Jack – BBT-habitués zijn bekend met dit karakter – een laatste keer zijn opwachting maakt. De centrale titelsong stamt nog van voor ‘Folklore’. Grimspound handelt over archeologie; de naam is afgeleid van een nederzetting uit de bronstijd in Devon, maar hier wordt het ook de naam van de raaf, een creatie van folkloristische mythologie en magie. De lyrics leggen het perspectief van de raaf vast: wat zal er overblijven van de tijden die hij geleefd heeft?

Sommige songs werden geschreven voor het album ‘Folkore’, maar dat The Ivy Gate en A Mead Hall in Winter het toen niet gehaald hebben, zegt niks over hun kwaliteiten en alles over de groeimarge die er nog op zat. Het eerste is ontstaan uit een banjodeuntje van Longdon en is het tragische verhaal van Thomas Fisher, die naar het slagveld moet en zijn zwangere vrouw Mary achterlaat. Na de oorlog ontdekt hij dat vrouw en kind gestorven zijn. Om het perspectief van Mary een stem te geven, gaat Longdon een duet aan met Judy Dyble, die mee aan de wieg stond van folkrockband Fairport Convention. Het tweede is ook klein begonnen (twee minuten akoestische gitaar en piano), maar door Sjöblom tot een echte prog epic uitgewerkt. De titel verwijst naar een verlichte en verwarmde plaats waar mensen samen kwamen drinken en dromen uitwisselen. Een goeie pub, lijkt ons. De vocale harmonie onderstreept het gezellige samenzijn.

In het afsluitende As the Crow Flies verbindt de raaf het album met de hele periode sinds ‘The Underfall Yard’. De symboliek van zijn vlucht staat voor het opgroeien van kinderen, die zich klaarmaken om op eigen benen te staan. Big Big Train lijkt het hoge niveau met 'Grimspound' moeiteloos te handhaven. Het zal ons benieuwen waar de groep ons hierna mee zal nemen op zijn vlucht.    


12 juli 2017
Christoph Lintermans