Bart Wirtz Beneath The Surface

Eigen beheer
Beneath The Surface

Na 'Prologue' (2009), 'iDreamer' (uit 2012 met daarop Evolution Of The Innocent) en het in 2014 verschenen 'Interview' komt de Nederlandse altsaxofonist Bart Wirtz met een vierde soloalbum, het eerste op het iDreamer-label. Met de titel verwijst Wirtz (Artvark Saxophone Quartet, New Rotterdam Jazz Orchestra) onder meer naar het dilemma tussen hoofd en hart, rede en hartstocht. Het is naar eigen zeggen zijn meest persoonlijke album tot nu toe. En dat heeft alles te maken met de muzikale koerswijziging die hij maakte.

'Beneath The Surface' komt behoorlijk verrassend uit de hoek. Bart Wirtz heeft in het verleden vooral met Amerikaanse jazzartiesten als trompettist-multi-instrumentalist Nicolas Payton en trompettist Sean Jones samengewerkt, maar nu kiest hij resoluut voor een meer hybride jazzgeluid.

Daarvoor deed hij beroep op toetsenist Alexander Van Popta, bassist Kasper Kalf (Hans Teeuwen, Pete Philly & Perquisite), drummer Niek De Bruijn en multi-instrumentalist Phil Martin op percussie, synths en sounds. Verder zijn er op dit album ook gastoptredens van de Britse saxofonist-rapper Soweto Kinch, vocalistes Ntjam Rosie en Ai Ming Oei, Mete Erker op basklarinet, Lucas Meijers op gitaar en trombonespeler Louk Boudesteijn.

Samen maakt dit gezelschap een geweldige mengeling waarin jazz gekruid wordt met hiphop, funk, rock en elektronica. Op zich is dat misschien niet echt vernieuwend, maar de manier waarop Wirtz dat doet is dat eigenlijk weer wel. Het was er nu eenmaal de tijd voor, liet de componist verstaan.

De basis van het album werd in de Belgische Jet-studio's gelegd. Opmerkelijk is dat Wirtz het album grotendeels alleen schreef en produceerde, maar zich ook profileert als multi-instrumentalist (saxofoon, varitone, organelle, fluit, percussie, omnichord, zang,...). Dat levert een rijk album op, dat het vooral moet hebben van muzikaliteit, vibe en feel.

Onderliggend spelen Wirtz en zijn bende met thema's als onzekerheid en twijfel. In een wereld, die steeds vaker beheerst wordt door machines (Minor Robots, The Machinist), is het knap lastig om nog uitdrukking te geven aan wat in het binnenste leeft (de korte interlude Scratch The Surface en de titeltrack). Ook fysieke en mentale vermoeidheid (Beta Blocker en Casser Le Dos) komen aan bod. Tussen de songs door is er dan de centrale paradox hart versus hoofd.

Dit is één van die albums, die langzaam aan groeien, ook al is de sound die het collectief produceert erg toegankelijk. Eén van de grote vaststellingen is ook dat de saxofoon niet langer prominent naar voren geschoven wordt ("Het is geen wereldkampioenschap saxofoon spelen"), maar onder meer door de vocale passages (van Soweto Kinch, Rosie en Ming Oei) eerder ingebed geraakt in een mooi in elkaar sluitend geheel met als hoogtepunten de knappe titeltrack, waarin poëzie, slam en urban elkaar vinden, French Press & A Bottle Of Coke en Yusef.

De enige manier vooruit is groei, zo leren tracks als Growth & Change en Growth V, ook al zijn er behoorlijk veel uitdagingen op het pad (Crystal Field) dat Wirtz dezer dagen volgt. 'Beneath The Surface' is een album voor muziekliefhebbers die graag verdwalen in een fascinerend en gelaagd verhaal.


27 maart
Philippe De Cleen