Ariel Pink Dedicated To Bobby Jameson

Mexican Summer
Dedicated To Bobby Jameson

Eind 2014 leek Ariel Pink zichzelf op te maken voor een grote sprong voorwaarts naar sterrendom met ‘Pom Pom’. Drie jaar later blijkt hij echter nog altijd dezelfde weirdo te zijn op zoek naar de perfecte popsong, maar nooit vies van wat muzikale zelfmutilatie.

Met een titel als ‘Dedicated To Bobby Jameson’ verwacht je je aan een conceptalbum over de man wiens ster nooit tot schitteren kwam, maar die wel burgemeester van de Sunset Strip werd genoemd en ooit samenwerkte met Frank Zappa, leden van Neil Youngs Crazy Horse en Keith Richards; maar op het titelnummer na vallen er geen verwijzingen naar de Tinseltown Tranny te rapen of ze moeten goed verborgen zijn.

Dat Ariel Pink zich aangesproken voelt tot Jameson hoeft echter niet te verwonderen. De man leidde een leven dat schreeuwt om een verfilming en misschien zelfs wel eerherstel ook al brak hij nooit echt door. Hij werd vijfendertig jaar dood gewaand om dan terug op te duiken met een blog en een YouTube-kanaal in 2007 en pas echt te komen te gaan acht jaar later, ongeveer rond de tijd dat Pink aan dit album moet begonnen zijn.

Of daar enorme hoeveelheden LSD mee gemoeid waren, weten we niet, maar feit is wel dat ook dit keer Pink heerlijk voorspelbaar onvoorspelbaar is. Hij plukt als de beste Bowie uit verschillende genres uit de voorbije decennia popcultuur, maar in tegenstelling tot de Dark Star, houdt hij het niet bij een genre per album, maar steekt hij er verschillende in elke track.

Bowie zelf lijkt ook even langs te komen in Santa’s In The Closet, maar Pink lijkt vooral te putten uit de jaren tachtig. In Time To Live horen we zowel The Buggles (Video Killed The Radio Star) als The Art Of Noise terwijl Gunther D. in de achtergrond zijn voetbaltoeter laat loeien. Het is een van de songs waarop Pink erg boos klinkt, maar de leukste songs op deze plaat zijn eigenlijk de bitterzoete.

Another Weekend bijvoorbeeld dat als eerste single werd gekozen uit deze plaat. Het is een heerlijk zwoele, luie song gedrenkt in psychedelica die ver weg drijft van hoe we Pink leerden kennen: een vreemde synthesizeradept met een voorkeur voor de duistere kant van het leven.

Ook Feels Like Heaven klinkt positief en poeslief. Alsof The Cure een cover brengt van de bijna gelijknamige song van Fiction Factory met Alle Norton als lieflijke tweede stem terwijl Do Yourself A Favor recht uit het Beatleshandboek voor de perfecte sixtiessong komt.

Ook de meer funky songs zijn onweerstaanbaar. Op dit schab vinden we albumafsluiter Acting, een samenwerking met DäM-Funk en Death Patrol dat zo maar tot The Best Of Flash And The Pan kon behoren.

Tussendoor passeren dan ook nog eens Tubeway Army, Zappa, The Queers, The Electric Prunes en Asobi Seksu, links en rechts uiteraard besprenkeld met vreemde stemmetjes, hyperactieve tempowisselingen en een alles vertroebelende reverb, al blijft de gekte dit keer binnen de perken.

Met andere woorden: Ariel Pink zwalpt nog altijd langs hetzelfde, kronkelende muzikale pad waarop zoveel te ontdekken valt dat het altijd weer een boeiende trip blijft.


16 september 2017
Marc Alenus