Angström The Echoes Of My Mournful Song

Eigen beheer
The Echoes Of My Mournful Song

Elektronicawizard Tom Moons en zangeres Gudrun Roos vormen de spil van het Angström-project, dat met 'The Echoes Of My Mournful Song' het debuut op de wereld loslaat. Daarop horen we een sterk door electronica aangedreven (triphop-, indiepop)sound, die een sensuele dimensie krijgt met de verleidelijke vocals van Gudron Roos.

Het duo Angström, vernoemd naar de Zweedse onderzoeker die het noorderlicht onderzocht en zijn naam gaf aan de meeteenheid 'angström', leerde elkaar kennen in Brussel. Dj en producer Thomas Moon nodigde de Brusselse jazzzangeres en actrice Gudrun Roos uit in zijn thuisstudio. Elk met een eigen muzikale achtergrond en voorkeuren trachten ze bij Angström het beste uit de eigen muzikale ervaringen met elkaar te combineren.

In de studio, het "labo", zoals ze het zelf noemen, produceren ze beats, soundscapes en vocals. In eerste instantie ligt de focus op het materiaal dat daar - doorgaans op piano - ontstaat. In een latere fase wordt nagegaan hoe dat ruwe materiaal verder verfijnd kan worden tot echte "tracks" door synths, gitaarriffs of vocale effecten toe te voegen.

'Echoes Of My Mournful Song' laat weliswaar uiteenlopende geluiden horen. De donkere opener Inhale, waarin Roos vocaal meteen kan uithalen, neigt naar triphophelden als Massive Attack. De bittere popsong Obsessed wordt ingeleid door koele synths, al is de zang hier net iets te (f)lauw en flets. Op de titeltrack leukt een stevige gitaarriff de poppy electrorocksound op.

Misschien wel het meest verrassende nummer is Engel, de bijzonder dromerige herwerking van Engel Red Mij van Gorki. Gaandeweg krijgt de song wat meer houvast (drums) en komen er gitaren aan te pas.

Diezelfde dromerigheid is te horen in Wake Up Call, dat helaas iets te vluchtig klinkt om indruk te maken en de titel dan ook niet waarmaakt. Het valt op dat Roos over een erg rauwe, maar knappe stem beschikt, wat te horen is in Freak, waarin je goed hoort hoe de song van een in de studio geschreven schets uitgroeit tot een volwaardige compositie.

Soms wegen de songs net iets te licht, al worden ze fraai ingekleurd (het met jazztrompet versierde Lonely Road). Naar het einde toe (de koele floorfiller Pills en de fraaie afsluiter met flamencotoetsen In Silence) blijkt dat een iets zwaardere, meer donkere sound hen goed ligt.

"From the outside I look weak, but from the inside I sing", kan je lezen in de hoesnota's. Het omvat het album perfect. 'Angström' produceert een debuut dat best gehoord mag worden. De groep is op zijn best als ze wat loskomt van de elektronica en andere invloeden (flamenco, jazz,...) toelaat (Lonely Road, In Silence). Bonuspunten voor de erg mooie hoes van Eduard Plancke.


24 maart
Philippe De Cleen