alt-J - Relaxer

Infectious Music Ltd.

Voorproever In Cold Blood was haast vast meubilair geworden op verschillende radionetten en klonk alvast als een gunstige voorbode van wat komen zou. Het bekroond debuut en de bevestigende opvolger legden de lat hoog; noblesse oblige en zo. Kon het speelse indietrio uit Leeds een heuse grand slam boeken? En misschien nog prangender: zijn ze na alle succes en grootse verwachtingen nog steeds hun eigenzinnige zelf gebleven?

Relaxer

Het zachtmoedige, arcadisch getinte 3WW neemt de draad van voorganger ‘This Is All Yours’ weer op. De lang uitgesponnen albumintro doet waar Alt-J grootmeesters in zijn: de luisteraar onderdompelen in een eenzaam, wat bevreemdend, doch vorstelijk universum, waar het sentiment je naar de keel grijpt. Morbide thema’s als dood en moord passeren de revue zonder dat de toon ooit versombert; het decor wordt creatief ingekleurd, de tragiek mooi overschilderd.



Zo schuilt onder de levendige huid van leadsingle In Cold Blood een gitzwart relaas: de sinistere tekst (ook de clip is weinig opbeurend) beschrijft een moordpartij op een zomers zwembadfeestje. De catchy lalala’s fungeren slechts als uitstalraam. Gewichtige blazers nemen samen met orgel en kleine fanfare de boel op sleeptouw richting kelderruim, waar een veel donkerder geheim ontbloot ligt. Niet de doorsnee hitsingle dus, wel een oertypisch Alt-J-product.

Ook verder in de plaat blijkt het Alt-J-DNA intact. In een indringende versie van House Of The Rising Sun – onsterfelijk door de cover van The Animals – weerklinken twintig klassiek geschoolde gitaristen tegelijk. De track is opgenomen in een studio die The Church heet. En het moet gezegd: we voelen een soort sacraal aura rondzweven. Het losbandige Hit Me Like That Snare slaat dan weer wild om zich heen: “Fuck you / I’ll do what I wanna do”. Punkige rebellie zowaar, die hadden we nog niet gehad. Bij deze nogmaals bewezen: non-conformisme in woord en daad tekent de aard van het beestje.

Deadcrush drijft op doffe, elektronische beats en een zeurende, diepe elektrobas die de song meer gewicht geeft; alweer een typisch Alt-J-ingrediënt. Nog zo’n specialiteit van het huis: de nasale, randje theatrale falsetto van Newman, die in het refrein een verdomd goede impressie van een verdwaalde mug neerzet. Een Oscarwaardige glansrol. En dan moet het beste nog komen.

Adeline ontkiemt van een ingetogen, kwetsbare gemoedsstreler waarin een – en we verzinnen dit niet – Tasmaanse duivel zijn onmogelijke liefde voor een badende vrouw beschrijft naar een groots hoorspel dat aan de ribben blijft kleven. Een parabel in drie bedrijven; bij elke overgang laaien de emoties hoger op en krijgt het stuk een nieuw elan. Een eenzame gitaar vat aan, een tikkende drum breekt in en escorteert "Sweet Adeline" richting schemerige horizon, terwijl onze achterblijver haar met stille weemoed gadeslaat. Gelaten zucht hij een ontroerend adieu: “I wish you well”.

Op de achtergrond flirt een vederlicht orgelmotiefje met een strijkerspartij die zich steeds nadrukkelijker in de debatten mengt. Een break – accurater dan een Zwitserse klok – geeft het geheel extra spankracht en creëert een momentum dat een finale dosis dramatiek in de bloedbanen prikt. Het propelleert de song naar een hoogtepunt, waarna zich een adembenemende slotscène ontrolt die bijna filmische proporties aanneemt. De zalvende, zwoel melancholische stem van Newman stamt uit dezelfde warmwaterbron als Matt Berninger van The National en golft op tribale percussie, terwijl aanzwellende strijkers je kwijlend naar extase gidsen. Fuck, dit is goed.

Adeline is een meesterlijke mozaïek die zich met zo’n natuurlijke souplesse ontvouwt dat de clip als vanzelf voor je netvlies verschijnt. Meer nog: ons zou het niet verbazen, mocht Adeline op de soundtrack van de volgende Oscarwinnaar blinken – als oogvochtleverancier bij de emotionele ontknoping. 

Muzikaal is ‘Relaxer’ uit hetzelfde hout gesneden als voorganger ‘This Is All Yours’. De groep blijft meerlagige, melodieuze indierock aanleveren, die cryptische teksten herbergt en grossiert in raffinement en harmonie, wars van holle extravaganza. Die succesformule staat als een huis.

De inspiratie uit zich vooral in het aanraken van andere genres zonder toe te geven aan het klassieke gevaar van massasucces: luiheid en behaagziekte. Terwijl Alt-J tegenwoordig op zowat alle grote festivals headlinet en in een mum concertzalen uitverkoopt, blijft het vrolijk verder experimenteren; en dat is niet zonder risico. Zo is de wig tussen de onconventionele brouwsels (Pleader, Hit Me Like That Snare) en het vlottere, draaivriendelijkere materiaal met catchy refrein (In Cold Blood, Deadcrush) nu wel erg opvallend hoorbaar: een spreidstand die ergens toch een beetje schuurt.

Die flamenco-intro van epiloog Pleader bijvoorbeeld, waarin Alt-J heel ver weg lijkt. Maar net toen we dachten de heren volledig kwijt te zijn, weerklinkt daar het machtige kerkorgel van Ely Cathedral, als uit de hemel gezonden. Aangelengd met een dertigkoppig strijkersensemble – opgenomen in de legendarische Abbey Road Studios – etaleert Alt-J nog een laatste maal al haar grandeur. Het contrast met het tedere Last Year of 3WW kon haast niet groter zijn. Wat dat betreft legt Alt-J op ‘Relaxer’ een geslaagde evenwichtsoefening tussen bombast en intimiteit aan de dag. Glorie versus bescheidenheid. Anderzijds staat het vizier nu wel heel breed afgesteld en dringt zich voor de vierde misschien een existentiële keuze op – het is maar een tip.

Maar geen nood, een identiteitscrisis zit er niet meteen aan te komen. Alt-J behoudt te allen tijde een unieke stempel. Ingenieuze constructies (Adeline, Pleader) met veel gevoel voor detail opgetekend, doorweven met dat typerende geneurie waar het drietal inmiddels een patent op heeft: muzikale spitsarchitectuur.

Met het veelzijdige ‘Relaxer’ zet Alt-J een evenwaardige derde neer waar de groeiende achterban weer enkele jaren zoet mee is, en dat zonder aan authenticiteit in te boeten. Een mature uitvoering van speelse ideeën, zoals het de heren betaamt. Job well done, met felicitaties van de jury.

PS: niet enkel arbeid, ook gulheid adelt. Acht songs op een kleine drie jaar tijd is misschien wat aan de povere kant, guys.

Alt-J speelt komende zomer op Rock Werchter.

1 juni 2017
Quentin Soenens