Het eiland staat centraal in zowat alle teksten op het album. Al snel wordt dan ook duidelijk dat ‘Plastic Beach’ een soort ecologische aanklacht is. Maar de mensen achter Gorillaz willen ook een statement maken tegen de oppervlakkigheid van de pop- en celebritycultuur. “Ik heb demonen gezien in mijn leven, maar geen zo erg als Simon Cowell”, aldus bassist Murdoc.
Een echte hit à la Clint Eastwood, Dare en Feel Good Inc. vinden we niet meteen terug op het album, maar het geluid is nog op en top Gorillaz. Toch hebben de producers ervoor gezorgd dat ‘Plastic Beach’ net iets anders klinkt dan de voorlopers, waardoor er ook een zekere vernieuwende factor in zit.
Catchy popdeuntjes, simpele gitaarlijnen en drumpartijen die balanceren tussen hiphop, rock en funk vormen nog steeds de basis, maar er is al eens plaats voor een uitschieter. Op White Flag doen undergroundrappers Kano en Bashy bijvoorbeeld hun ding op een arrangement van het Lebanese National Orchestra for Oriental Arab Music. En Stylo is dan weer een strakke single zonder refrein.
Naast de twee straatrappers komt trouwens nog een hele boterham aan andere guestvocals meedoen. Ceremoniemeester Snoop Dogg, De La Soul, Mos Def, Bobby Womack, Lou Reed, Little Dragon, Gruff Rhys, Mick Jones, Paul Simonon en Mark E. Smith kregen elk hun eigen getekende versie in de virtuele Gorillaz-wereld.
Als je je trouwe fans vier jaar laat wachten op een nieuw album, je enorme budgetten in marketing pompt en zoveel nieuwsgierigheid opwekt dat zelfs je halfdove omaatje om nieuwe batterijen voor haar hoorapparaat strompelt, dan kan de val enorm diep zijn. Maar ‘Plastic Beach’ is opnieuw een voltreffer. Aangenaam vernieuwend, vlot herkenbaar, verrassend divers en fantastisch gecomponeerd.
No comments
Nieuwe reactie inzenden